Movatterモバイル変換


[0]ホーム

URL:


Skip to:Skip tonavigationSkip tocontentSkip tofooter
European Central Bank - eurosystem
European Central Bank - eurosystem
NL
БългарскиČeštinaDanskDeutschEλληνικάEnglishEspañolEesti keelSuomiFrançaisGaeilgeHrvatskiMagyarItalianoLietuviųLatviešuMaltiNederlandsPolskiPortuguêsRomânăSlovenčinaSlovenščinaSvenska
our logo, a yellow Euro sign surrounded by yellow stars centered in a dark blue circle resting on a dark blue base
Search
Zoekopties
Afbeelding zoekresultaat
HomeMediaExplainersOnderzoek & publicatiesStatistiekenMonetair beleidDe euroBetalingsverkeer & marktenWerken bij de ECB
Suggesties
Sorteren op

Overgang op de chartale euro in 2002

De overgang op de chartale euro in 2002 was een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van Europa en een aanzienlijke technische prestatie. Op 1 januari 2002 werden de eurobankbiljetten en euromunten in 12 landen met een bevolking van in totaal 308 miljoen mensen in omloop gebracht. Dat was de grootste monetaire overgang ooit: het bankwezen, geldtransporteurs, detailhandelaren, fabrikanten van verkoopautomaten en natuurlijk het grote publiek waren erbij betrokken.

De overgang was grondig voorbereid. Al vanaf september 2001 werden bankbiljetten en munten onder banken en detailhandelaren gedistribueerd om knelpunten in de leverantieketen te voorkomen. Als resultaat daarvan was de euro in de eerste dagen van 2002 bijna overal beschikbaar. Op 3 januari gaf 96% van de geldautomaten in het eurogebied eurobankbiljetten af. Eén week na de invoering werd meer dan de helft van alle kastransacties in euro afgewikkeld.

Na een duale fase die in sommige landen twee maanden duurde en waarin zowel in euro als in de nationale valuta kon worden betaald, werd de euro op 1 maart 2002 het enige wettige betaalmiddel in het eurogebied. Op die dag waren ruim 6 miljard nationale bankbiljetten en bijna 30 miljard nationale munten uit de omloop genomen.

Evaluatie van de overgang op de chartale euro in 2002, april 2002

Productie

De ECB coördineerde en bewaakte de bankbiljettenproductie op 15 locaties en met meer dan 40 verschillende grondstoffenleveranciers. Door middel van een gemeenschappelijk kwaliteitscontrolesysteem werd verzekerd dat alle bankbiljetten aan dezelfde standaard voldeden.

Hoewel de landen zelf verantwoordelijk waren (en zijn) voor hun euromunten, trad de ECB op als een onafhankelijke kwaliteitscontroleur van de geslagen munten, zodat zij in het hele eurogebied in verkoopautomaten konden worden gebruikt.

De productie van eurobankbiljetten startte in juli 1999. 15 bankbiljettendrukkerijen verspreid over de Europese Unie waren erbij betrokken. Op 1 januari 2002 was voor de 12 landen een beginvoorraad van 14,89 miljard eurobankbiljetten gedrukt, met inbegrip van de logistieke voorraden. Als al deze bankbiljetten (met een totale nominale waarde van €633 miljard) in de lengterichting aan elkaar werden gelegd, zouden zij een afstand van tweeëneenhalf keer naar de maan en terug overbruggen.

Naderhand gaf de Raad van Bestuur van de ECB toestemming als aanvulling daarop 1,91 miljard extra bankbiljetten te drukken. Deze centrale reservevoorraad was bedoeld als garantie tegen de risico’s van vertragingen in de productie van de beginvoorraad en logistieke voorraad. De reservevoorraad droeg dus bij aan een soepel verlopende overgang. De bankbiljetten die zich na de overgang nog in de centrale reservevoorraad bevonden, werden overgedragen aan de strategische voorraad van het Eurosysteem, die na de overgang werd opgebouwd om onverwachte stijgingen in de vraag op te vangen.

In 16 Europese munthuizen werden circa 52 miljard munten met een totale waarde van €15,75 miljard geslagen uit 250.000 ton metaal.

Oorspronkelijke productiecijfers

In tabel 1 worden de productiecijfers gegeven voor de oorspronkelijke hoeveelheid bankbiljetten die tussen 1999 en 2001 werd geproduceerd voor de overgang op de chartale euro in 2002. In tabel 2 worden de productiecijfers per coupure gegeven. Elke nationale centrale bank kon zelf beslissen waar zij de voor haar land vereiste startvoorraad bankbiljetten zou laten drukken. Elke lidstaat was verantwoordelijk voor haar eigen muntvoorraad.Productiecijfers eurobankbiljetten en euromunten (alleen beschikbaar in het Engels).

Tabel 1

LandGeproduceerde eurobankbiljetten in miljoenen per 1 januari 2002
België550
Duitsland4.783
Griekenland617
Spanje1.924
Frankrijk2.265
Ierland294
Italië2.440
Luxemburg46
Nederland659
Oostenrijk550
Portugal537
Finland225
TOTAAL voor de oorspronkelijke overgang14.890

Tabel 2

DenominatieGeproduceerde bankbiljetten in miljoenen per 1 januari 2002
€53.155
€103.221
€203.406
€503.283
€1001.231
€200223
€500371
TOTAAL voor de oorspronkelijke overgang14.890

Alle pagina's in dit deel

Bent u tevreden over deze pagina?
JaNee
Waar bent u niet tevreden over?
Pagina werkt nietInformatie niet nuttigOntwerp onaantrekkelijkIets anders
Bedankt voor uw feedback!

Onze website maakt gebruik van cookies

We gebruiken functionele cookies om voorkeuren van gebruikers op te slaan, analytische cookies om de werking van de website te verbeteren en cookies van derden die zijn ingesteld door in de website geïntegreerde externe diensten. U kunt deze cookies accepteren of weigeren. Voor meer informatie of voor het herzien van uw voorkeuren over cookies en serverlogs die we gebruiken, kunt u hier terecht:

Onze privacyverklaring lezenNadere informatie over ons gebruik van cookies

Dank u.

Dank u.

We hebben ons privacybeleid geactualiseerd

We proberen onze gebruikers een steeds betere website te bieden. Om dat te kunnen doen maken we gebruik van anonieme gegevens afkomstig van cookies.
Bekijk de wijzigingen in ons privacybeleid

Uw cookie-instelling is verlopen

We proberen onze gebruikers een steeds betere website te bieden. Om dat te kunnen doen maken we gebruik van anonieme gegevens afkomstig van cookies.
Nadere informatie over ons gebruik van cookies

Voor dit element zijn cookies nodig.
Aanpassen

[8]ページ先頭

©2009-2026 Movatter.jp