Movatterモバイル変換
[0]
ホーム
URL:
画像なし
夜間モード
Naar inhoud springen
Hoofdmenu
Hoofdmenu
naar zijbalk verplaatsen
verbergen
Navigatie
Hoofdpagina
Recente wijzigingen
Nieuwe pagina's
Willekeurig woord
Willekeurig NL woord
Woord begint met ...
Categorieën
Speciale pagina's
Informatie
De kroeg
Hulp
Helpdesk
Zusterprojecten
Wikibooks
Wikinieuws
Wikipedia
Wikiquote
Wikisource
Commons
Zoeken
Zoeken
Uiterlijk
Financieel bijdragen
Account aanmaken
Aanmelden
Persoonlijke hulpmiddelen
Financieel bijdragen
Account aanmaken
Aanmelden
Pagina's voor uitgelogde redacteuren
meer lezen
Bijdragen
Overleg
Inhoud
naar zijbalk verplaatsen
verbergen
Top
1
Nederlands
Nederlands
-subkopje inklappen
1.1
Uitspraak
1.2
Woordafbreking
1.3
Woordherkomst en -opbouw
1.4
Voorvoegsel
1.4.1
Hyponiemen
1.4.2
Verwante begrippen
1.5
Gangbaarheid
1.6
Verwijzingen
2
Middelhoogduits
Middelhoogduits
-subkopje inklappen
2.1
Voorvoegsel
2.1.1
Afgeleide begrippen
Inhoudsopgave omschakelen
ge-
19 talen
Brezhoneg
Čeština
Deutsch
Ελληνικά
English
Esperanto
Eesti
Suomi
Français
Magyar
Italiano
日本語
한국어
Kurdî
Limburgs
Português
Русский
සිංහල
Svenska
Pagina
Overleg
Nederlands
Lezen
Bewerken
Geschiedenis weergeven
Hulpmiddelen
Hulpmiddelen
naar zijbalk verplaatsen
verbergen
Handelingen
Lezen
Bewerken
Geschiedenis weergeven
Algemeen
Links naar deze pagina
Gerelateerde wijzigingen
Bestand uploaden
Permanente koppeling
Paginagegevens
Deze pagina citeren
Verkorte URL verkrijgen
QR-code downloaden
Naar de oude parser overschakelen
Afdrukken/exporteren
Boek aanmaken
Downloaden als PDF
Afdrukversie
In andere projecten
Uiterlijk
naar zijbalk verplaatsen
verbergen
Uit WikiWoordenboek
Nederlands
Huidig
bestand
535
Uitspraak
Geluid
:
ge-
(
hulp
,
bestand
)
IPA
:
/
ɣə
/
(1 lettergreep)
Woordafbreking
ge·
Woordherkomst en -opbouw
erfwoord
via
Middelnederlands
ge-
/
ghe-
van
Oudnederlands
ge-
/
gi-
[
1
]
[
2
]
Voorvoegsel
ge-
ge- + de stam van een werkwoord met de uitgang "-d", "-t" of "-en" vormt het
voltooid deelwoord
:
lopen
→ wij hebben gelopen
.
ge- +
werkwoord
vormt een onscheidbaar werkwoord met oorspronkelijk een betekenis als "samen", "mee-" of "helemaal"
denken
→
gedenken
.
ge + stam van werkwoord vormt onzijdig zelfstandig naamwoord van handeling, dat vaak ook het voortduren daarvan uitdrukt
lachen
→
gelach
.
ge- + naamwoord +
-te
geeft een verzameling (
collectief
) aan. Zie omvoegsel
ge- -te
:
berg
→
gebergte
,
been
→
gebeente
.
Hyponiemen
enige woorden met dit voorvoegsel die nog moeten worden aangebracht
geaai
geaarzel
geadem
gebal
gebarst
gebedank
gebedelf
gebedplas
gebedrink
gebedroef
gebedruk
gebedwater
gebeier
gebeuk
gebeuzel
gebibber
gebiets
geblaaskaak
geblader
geblèr
gebliksem
geborrel
geborstel
gebral
gebries
gebruis
gebuitel
gebulder
gebulk
gebuur
gechicaneer
gecijfer
gedans
gedartel
gedaver
gedein
gedelibereer
gedender
gediscussieer
gedol
gedommel
gedonderjaag
gedondersteen
gedonderstraal
gedraaf
gedraal
gedram
gedreig
gedrein
gedrens
gedrentel
gedreutel
gedribbel
gedril
gedrink
gedroom
gedruis
gedrum
gedrup
gedruppel
geduikel
geduivel
geduvel
gedwarrel
gedweep
gefantaseer
gefemel
gefiedel
gefilosofeer
geflakker
gefleem
geflikflooi
geflikker
geflits
geflonker
gefoezel
gefonkel
gefrazel
gefrons
gegaap
gegak
gegalm
gegap
gegiebel
gegier
geginnegap
gegis
geglimlach
geglinster
gegloei
gegluur
gegniffel
gegons
gegoochel
gegooi
gegorgel
gegraaf
gegrien
gegrijns
gegrol
gehaal
gehak
gehakkel
gehamergooi
gehamerslinger
gehang
gehaspel
gehassebas
gehengel
gehengen
geheupwieg
gehijg
gehik
gehink
gehol
gehoon
gehos
gehots
gehuichel
gehuilebalk
gehunker
gehuppel
gejaag
gejakker
gejeremieer
gejij
gejou
gejouw
gekabbel
gekef
gekeutel
gekeuvel
gekir
gekissebis
gekladder
geklak
geklapper
geklater
geklep
geklikklak
geklingel
geklok
gekloothannes
geknap
geknerp
geknik
geknisper
geknister
gekoekeloer
gekoer
gekoeterwaal
gekoketteer
gekokhals
gekolk
gekonkelfoes
gekrab
gekrieuwel
gekrioel
gekroel
gekruimel
gekruip
gekuip
gekus
gekweel
gekwek
gekwijl
gekwinkeleer
gelamenteer
gelazerstraal
gelebber
geleebraak
geleen
gelees
geleewiek
geliefhebber
gelieg
gelijkgelig
gelijkgeloop
gelijkgespeel
gelijkgestel
gelijkgetrek
gelik
gelink
gelispel
gelobby
geloei
gelonk
geluibak
geluier
geluilak
geluister
geluiwammes
geluw
gemaar
gemanipuleer
gemanoeuvreer
gemarchandeer
gemarcheer
gemartel
gemeier
gemelk
gemiauw
gemieter
gemijmer
gemisacht
gemisgeld
gemisgrijp
gemishaag
gemishandel
gemiskijk
gemiskom
gemisluk
gemismeester
gemispak
gemispeuter
gemisprijs
gemisraad
gemisreken
gemisteken
gemistrouw
gemisval
gemisvorm
gemiszeg
gemodder
gemok
gemonkel
gemoraliseer
gemorrel
gemortel
gemummel
gemurmel
gemurmureer
gemusiceer
genaai
genader
genetwerk
geneuk
geneurie
georeer
georganiseer
gepalaver
gepas
gepiel
gepingel
geplaats
geplak
geplas
geplasregen
geplof
geplons
gepluimstrijk
gepluk
geplukhaar
gepoch
gepomp
gepopel
gepraal
geprevel
geprop
gepruil
gepsychologiseer
geraaskal
gerace
geraffel
geram
gerammei
gerampok
gerasp
geratel
geredder
geredekavel
geredeneer
geregel
gereglementeer
gereis
gereken
gereutel
gerij
gerijm
gerijmel
gerikketik
geril
gerinkelrooi
gerits
gerochel
geroer
geroerbak
geroes
gerol
gerook
geruk
gerumoer
gesabbel
gesabber
gesakker
gesar
gescandeer
gescharrelbeen
geschater
geschaterlach
geschemer
gescherm
gescherts
geschetter
geschiet
geschilder
geschimp
geschipper
geschitter
geschmier
geschok
geschommel
geschop
geschrei
geschrijf
geschrob
geschrok
geschuier
geschutter
geschuur
gesidder
gesijpel
gesis
gesjachel
gesjacher
gesjilp
gesjirp
gesjok
gesjor
geslaap
geslachtoffer
geslemp
geslenter
geslof
gesluip
gesmijdig
gesmijt
gesmoes
gesnap
gesnater
gesnerp
gesnier
gesnor
gesnork
gesnorkel
gesoes
gesol
gesolveer
gespalk
gespanker
gespartelbeen
gespeculeer
gespeel
gespetter
gespiegel
gespijker
gespijs
gespijzig
gespioneer
gespoor
gespreek
gespring
gesprits
gespruit
gespui
gespuit
gestaar
gestamel
gesteun
gestiefel
gestoef
gestomp
gestook
gestreel
gestreng
gestrijk
gestrompel
gestruikel
gestumper
gesudder
gesuis
gesukkel
getalm
getater
geteem
getelefoneer
getetter
getheoretiseer
getierelier
getiktak
getingel
getinkel
getinteloog
getjangel
getjilp
getjirp
getob
getok
getortel
getouwklim
getouwtrek
getover
getrap
getrippel
getromp
getrompetter
getsjilp
getsjirp
getuf
getwinkel
geurm
gevader
gevaderschap
geveeg
geveins
gevlag
gevliegvis
gevoeg
gevraag
gevrij
gevrijwaar
gevrijwiel
gewapper
geweeklaag
geween
geweergalm
geweerkaats
geweerklink
geweerleg
geweerschijn
geweerspiegel
geweifel
gewemel
gewentel
gewieg
gewiegel
gewip
gewissel
gewoeker
gewriemel
gewrijf
gewrik
gewuif
gewurm
gezabbel
gezabber
gezeg
gezemelknoop
gezinder
gezoef
gezoek
gezuig
gezwalk
gezwatel
gezwem
gezwendel
gezwenk
gezwerf
gezwiep
gezwier
gezwijmel
geëmmer
geëtter
geëxperimenteer
Verwante begrippen
voorvoegsels die onscheidbare werkwoorden vormen:
be-
,
er-
,
her-
,
ont-
,
ver-
Gangbaarheid
Verwijzingen
↑
Woordenboek der Nederlandsche taal
(1864-2001).
↑
ge-
op website: Etymologiebank.nl
Middelhoogduits
Huidig
bestand
3
Voorvoegsel
ge-
be-
,
ge-
«ge + loben →
ge
loben»
beloven
Afgeleide begrippen
geniezen
Overgenomen van "
https://nl.wiktionary.org/w/index.php?title=ge-&oldid=4231720
"
Categorieën
:
Woorden in het Nederlands
Woorden in het Nederlands van lengte 3
Woorden in het Nederlands met audioweergave
Woorden met 1 lettergreep in het Nederlands
Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
Erfwoord in het Nederlands
Voorvoegsel in het Nederlands
Woorden in het Middelhoogduits
Woorden in het Middelhoogduits van lengte 3
Voorvoegsel in het Middelhoogduits
Verborgen categorie:
Retrograad van het Nederlands
Zoeken
Zoeken
Inhoudsopgave omschakelen
ge-
19 talen
Onderwerp toevoegen
[8]
ページ先頭
©2009-2025
Movatter.jp