Movatterモバイル変換


[0]ホーム

URL:


Naar inhoud springen
WikiWoordenboek
Zoeken

fly

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

  • fly
stellend
onverbogenfly
verbogen-

fly

  1. (straattaal) met een aantrekkelijk uiterlijk
     En, zo gaat dat nu eenmaal, het gaat al snel over meisjes of jongens die erg patat zijn (mooi). Ergfly, zeggen Nederlanders.[1]
65 %van de Nederlanders;
44 %van de Vlamingen.[2]
  1. Bronlink geraadpleegd op 30 april 2020Weblink bron “A piece of a kakkie?”(24 juni 2008)op standaard.be
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Engels

vervoeging
onbepaalde wijsto fly 
he/she/it flies 
verleden tijd flew 
voltooid
deelwoord
 flown 
onvoltooid
deelwoord
 flying 
gebiedende wijs fly 

fly

  1. vliegen
vervoeging
onbepaalde wijsto fly 
he/she/it flies 
verleden tijd flied 
voltooid
deelwoord
 flied 
onvoltooid
deelwoord
 flying 
gebiedende wijs fly 

fly

  1. een hoge bal slaan met honkbal
enkelvoudmeervoud
flyflies

fly

  1. (tweevleugeligen)vlieg
stellendvergrotendovertreffend
flyflierfliest

fly

  1. (straattaal)slim
  2. (straattaal)mooi,knap(van een persoon)

Frans

fly

  1. (spreektaal)high
    «Après le marathon de Paris, j’te raconte pas comment j’étaisfly
    Na de marathon van Parijs was ik zo high, dat hou je niet voor mogelijk![1]

Noors

  • [A] Et fly.Een vliegtuig.
    [A] Et fly.
    Een vliegtuig.
  • [B] Et fly (flue).Een vlieg.
    [B] Et fly (flue).
    Een vlieg.
  • [C] Valdresflya.Valdresflya.
    [C] Valdresflya.
    Valdresflya.
  • fly
  • Werkwoord: Afkomstig van het Oudnoorse werkwoordfljúga.
  • Zelfstandig naamwoord [A]): Verkorting vanflygemaskin.
  • Zelfstandig naamwoord [B]: Verwant met de woordenflyge enflue.
  • Zelfstandig naamwoord [C]: Verwant met de woordenflod enflyte.
Naar frequentie506

fly

  1. meer dan,vervloekt (versterkend in bepaalde uitdrukkingen)
  • fly vorbanna
meer dan boos
vervoeging
onbepaalde wijsfly
tegenwoordige tijdflyr
verleden tijdfløy
voltooid
deelwoord
flydd
fløyet
onvoltooid
deelwoord
flyende
lijdende vormflys
gebiedende wijsfly
vervoegingsklasseKlasse 2 sterk
opmerking

fly

  1. vliegen (over dieren, vooral vogels en insecten: vliegen met hun vleugels)
    «Grågjæserfløy mot nord.»
    De grauwe ganzenvlogen naar noorden.
  2. (figuurlijk) gaan vliegen, de hielen lichten
  3. vliegen (over luchtvaartuigen)
  4. vliegen, een vliegtuig nemen (als passagier of personeel met een vliegtuig vliegen)
  5. vliegen (als piloot een vliegtuig besturen)
  6. vervoeren
  • [2]: Fuglen er / har fløyet.
De vogel is uitgevlogen.
  • [4]: flygende personell
de bemanning

fly

  1. gebiedende wijs vanfly
o
[A]+[B]
enkelvoudmeervoud
onbepaaldbepaaldonbepaaldbepaald
nominatief  fly   flyet   fly   flya
flyene 
genitief  flys   flyets   flys   flyas
flyenes 

[A]fly,o

  1. (techniek),(verkeer),(afkorting),(verkorting)vliegtuig
    «Flyet kunne ikke gå ned på grunn av tåke.»
    Vanwege de mist kon hetvliegtuig niet landen.
    «Tar du tog ellerfly
    Neemt u de trein of hetvliegtuig?
  • korresponderende fly
een aansluitende vlucht

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [A]

[B]fly,o

  1. (tweevleugeligen)tweevleugelige

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [B]
m/v
[C]
enkelvoudmeervoud
onbepaaldbepaaldonbepaaldbepaald
nominatief  fly   flyen
flya 
  flyer   flyene 
genitief  flys   flyens
flyas 
  flyers   flyenes 

[C]fly,m /v

  1. (geologie)hoogvlakte,plateau

Nynorsk

  • [A] Eit fly.Een vliegtuig.
    [A] Eit fly.
    Een vliegtuig.
  • [B] Eit fly (mygg).Een mug.
    [B] Eit fly (mygg).
    Een mug.
  • [E] Valdresflya.Valdresflya.
    [E] Valdresflya.
    Valdresflya.
  • fly
  • Werkwoord [A]: Afkomstig van het Oudnoorse werkwoordfljúga.
  • Werkwoord [B]: Afkomstig van het Oudnoorse werkwoordflýja.
  • Zelfstandig naamwoord [A]: Verkorting vanflygemaskin.
  • Zelfstandig naamwoord [B]: Verwant met de woordenflyge enflye.
  • Zelfstandig naamwoord [E]: Misschien verwant met het woordflyte.

[A]fly

  1. koel,lauw
stellendvergrotendovertreffend
onbepaald
(sterk)
m/venkelvoudflyflyareflyast
oenkelvoudflytt
meervoudflye
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
flyeflyareflyaste

[B]fly

  1. steil, steil hellend
  • hetzelfde als onder [A]

fly

  1. meer dan,vervloekt (versterkend in bepaalde uitdrukkingen)
  • fly vorbanna
meer dan boos
vervoeging
onbepaalde wijsfly
flyge
flyga
tegenwoordige tijdflyr
flyg
verleden tijdflaug
voltooid
deelwoord
floge
onvoltooid
deelwoord
flygande
lijdende vormflygast
gebiedende wijsfly
vervoegingsklasseKlasse 2 sterk
opmerking

[A]fly

  1. vliegen (over dieren, vooral vogels en insecten: vliegen met hun vleugels)
  2. (figuurlijk) gaan vliegen, de hielen lichten
  3. vliegen (over luchtvaartuigen)
  4. vliegen, een vliegtuig nemen (als passagier of personeel met een vliegtuig vliegen)
  5. vliegen (als piloot een vliegtuig besturen))
  6. vervoeren
  • [2]: Fuglen er flogen.
De vogel is uitgevlogen.
  • [4]: flygande personell
de bemanning
vervoeging
onbepaalde wijsfly
tegenwoordige tijdflyr
verleden tijdflydde
voltooid
deelwoord
flydd
onvoltooid
deelwoord
flyande
lijdende vormflyast
gebiedende wijsfly
vervoegingsklasseKlasse 3 sterk
opmerking

[B]fly

  1. vlieden,vluchten
  2. ontvluchten
  • [1]: fly unna
wegvliegen
  • [2]: fly landet / lagnaden
het land / het lot ontvluchten


o
[A]+[B]
enkelvoudmeervoud
onbepaaldbepaaldonbepaaldbepaald
nominatief  fly   flyet   fly   flya 

[A]fly,o

  1. (techniek),(verkeer),(afkorting),(verkorting)vliegtuig
    «Han sette seg inn i eitfly for å reise til Sør-Afrika.»
    Hij ging in eenvliegtuig zitten om naar Zuid-Afrika te reizen.
  • flyet lettar / går ned / landar
het vliegtuig stijgt op / gaat neer / landt
  • korresponderande fly
een aansluitende vlucht

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [A]

[B]fly,o

  1. (tweevleugeligen)tweevleugelige

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [B]

[C]fly,o

  1. modder,moeras

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [C]

[D]flyo

  1. een steile rotswand

fly,mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud vanfly [D]
v
[E]+[F]
enkelvoudmeervoud
onbepaaldbepaaldonbepaaldbepaald
nominatief  fly   flya   flyer   flyene 

[E]flyv

  1. (geologie)hoogvlakte,plateau

[F]flyv

  1. stofdeltje,stofje,vuiltje

Zweeds

  • fly
stamtijd
infinitiefverleden
tijd
supinum
fly
flydde
flydd
volledig

fly

  1. vluchten
  2. vliegen
Overgenomen van "https://nl.wiktionary.org/w/index.php?title=fly&oldid=4549479"
Categorieën:
Verborgen categorieën:

[8]ページ先頭

©2009-2026 Movatter.jp