Tlazolteotl (Tlacolteotl) komt uit deAzteekse mythologie en is eenMeso-Amerikaanse godin van schoonmaken,Temazcal (zweetruimte), vroedvrouwen, vuiligheid en depatrones van overspel. In Nahuatl kan het woordtlazolli refereren aan ondeugd en ziekte. Daarom was Tlazolteotl de godin van vuiligheid (zonde), ondeugd en seksuele misdaden. Echter, ze was ook een zuiverheidsgodin, die de zonde en ziektes vergaf van hen die zich misdragen hadden, met name seksueel.[1] Haar dubbele natuur is te zien in haar andere benamingen:Tlaelquani ('Zij die de vuiligheid (zonde) eet) enTlazolmiquiztli ('Die de dood veroorzaakt door lust'), en Ixcuina of Ixcuinan ('Zij met twee gezichten').[2][3] Onder de naam vanIxcuinan werd gedacht dat zij meervoudig in aantal was en vier zusters van verschillende leeftijden had met de namen Tiacapan (De eerst geborene), Teicu (De jongere zus), Tlaco (De middelste zus) and Xocotzin (De jongste zus).[3]
Haar zoon wasCenteotl en ze was ook wel bekend alsToci. Ze is de beslisser van de 13etrecena van het heilige 260-dagen jaar.
Tlazolteotl is van origine waarschijnlijk eenHuasteekse godin, afgeleid uit deGulfkust.[1] Er waren twee schrikgodinen waarvan gedacht werd dat ze beslisten over bekentenissen;Tezcatlipoca, omdat gedacht werd dat ze onzichtbaar en alom vertegenwoordigd was en alles zag, Tlazolteotl, de godin van onwettelijke liefde.[4] Er werd gezegd dat als men iets opbiechtte aan haar, alles werd getoond. De biecht aan Tlazolteotl werd gedaan via een priester. Maar anders dan binnen het christendom gebeurde dit eenmaal in iemands zijn leven.
Het was Tlazolteotl die inspireerde tot slechte wensen, die vergaf en die de ziel schoonde van de zonde.[4] Er werd ook gedacht dat ze ziektes verspreidde en dan met name seksueel overdraagbare ziektes. Er wordt gezegd dat Tlazolteotl en haar compagnons iemand een ziekte gaven als deze toegaf aan verboden liefde.[5] De viezigheid werd zowel gezien als iets fysieks en moreels en kon gereinigd worden met een stoombad, een schoonmaakritueel of door Tlazolteteo op te roepen (De godin van de liefde en verlangen).[5]