Eenrozenkrans, ook welpaternoster genoemd, is eengebedssnoer in gebruik in deRooms-Katholieke Kerk. De term ‘rozenkrans’ in Latijnrosarium is afgeleid van een middeleeuws gebruik dat bestond uit het plaatsen van een rozenkroon op de beelden van de Maagd Maria. De rozenkrans is ook de naam voor het 'rozenkransgebed'.
De rozenkrans is een hulpmiddel bij het bidden van het rozenkransgebed. Het gebedssnoer bestaat uit 6 grote en 53 kleinekralen. Het gebed bestaat uit het bidden van hetOnzevader (zestienmaal) en hetWeesgegroet (honderddrieënvijftigmaal) door de rozenkrans driemaal te doorlopen.
Tijdens het bidden van de rozenkrans wordt het leven, het lijden en de verrijzenis vanJezus overwogen.
Aan het einde van de Rozenkrans bidt men het volgende gebed:
Bid voor ons heilige Moeder van God.
Opdat wij de beloften van Christus waardig mogen worden.
Laat ons bidden.
God, Uw eniggeboren Zoon heeft ons door Zijn leven, Zijn dood en verrijzenis de beloning van het eeuwig heil bereid. Wij vragen U, geef ons, die door de allerheiligste rozenkrans van de zalige Maagd Maria deze geheimen gedenken, dat wij mogen navolgen wat zij bevatten, en mogen verkrijgen wat zij beloven.
Door Christus, onze Heer.
Amen.
Of in het Latijn:
Ora pro nobis, sancta Dei genetrix.
Ut digni efficiamur promissionibus Christi.
Oremus.
Deus, cuius Unigenitus per vitam, mortem et resurrectionem suam nobis salutis aeternae praemia comparavit, concede, quaesumus: ut haec mysteria sacratissimo beatae Mariae Virginis Rosario recolentes, et imitemur quod continent, et quod promittunt assequamur.
Het bidden van een rozenkrans gaat gepaard met het gedenken van geloofsgeheimen (het woord 'geheim' dient men op te vatten in de betekenis van 'mysterie'). Er zijn er twintig van. Per vijf gegroepeerd staan deze bekend als de 'blijde', de 'droevige' en de 'glorievolle' geheimen. In 2002 voegdePaus Johannes Paulus II, aan het begin van het Jaar van de Rozenkrans, daar de 'vijf geheimen van het Licht' aan toe. Bij elkaar geven de 'geheimen' een soort samenvatting van hetevangelie. Hierdoor kan het bidden van de rozenkrans iemand duidelijker bewust maken van de Bijbelboodschap. Het is echter niet per se verplicht om de mysteries te overwegen.
Het geheim van de dag wordt bepaald aan de hand van de volgende tabel:
Naast het gedenken van de geheimen is er plaats voor gebedsintenties, zodat er ook een persoonlijk aspect aan dit gebed is verbonden.Steeds na het noemen van een geheim bij elktientje worden er 1Onze Vader en 10 weesgegroetjes gebeden (een zogenoemdtientje). Dittientje wordt afgesloten met hetEer aan de Vader. Om de tel niet kwijt te raken, is het handig om de rozenkrans te bidden met behulp van de daartoe bestemde kralenketting. De kraaltjes zijn verdeeld in 5 groepjes van elk 10 kraaltjes, met daartussen 4 losse kralen. Op de 10 kraaltjes bidt men het Weesgegroet. Het Onzevader wordt op de 4 geïsoleerde kralen gebeden, tussen twee tientjes in. (Het eerste Onze Vader wordt op de medaille gebeden.) De rozenkransketting heeft vijf tientjes, zodat men viermaal rond moet om de volledige rozenkrans te bidden. Eén keer rond heet een rozenhoedje. Aan de ketting zit nog een 'staartje' met een kruis eraan: deze is voor degeloofsbelijdenis, een Onze Vader, drie Weesgegroeten en een Eer aan de Vader bedoeld (ook zit bij dit 'staartje' nog het Onze Vader van het eerste tientje). Men begint het rozenkransgebed bij het kruis van het 'staartje' met het maken van het kruisteken en het bidden van de geloofsbelijdenis.
Slag bij Lepanto, uitgebeeld op een 19de-eeuws tapijtWapen van een geprofeste religieus die geen priesterwijding heeft ontvangen
Vaak bidt men niet het volledige rozenkransgebed maar de verkorte versie. Deze verkorte versie noemt men het rozenhoedje, maar wordt vaak ook gewoon 'rozenkrans' genoemd. Voor dit rozenhoedje bidt men de rozenkrans niet driemaal rond (15 zogenoemdetientjes) maar slechts eenmaal (5tientjes). Wanneer men één rozenhoedje, bestaande uit vijftientjes, bidt, koppelt men de geheimen of mysteries aan een bepaalde dag van de week (bijvoorbeeld donderdag deEucharistie-instelling, zaterdag het onbevlekt hart van Maria); zo overweegt men op maandag en zaterdag de blijde geheimen, op donderdag de geheimen van het Licht, op dinsdag en vrijdag de droevige en op woensdag en zondag de glorievolle geheimen.
De oorsprong van het rozenkransgebed moet worden gezocht in de vervanging van het monastiekepsalmgebed: het bidden van honderdvijftigmaal een Weesgegroet is in feite een vereenvoudiging voor het gewone kerkvolk dat de 150 psalmen niet uit het hoofd kon opzeggen, zoals de kloosterbroeders dat wel konden. Eerst werd er vooral honderdvijftigmaal eenOnze Vader gebeden. Later werd hieraan in het Westen de devotie tot Maria verbonden. De rozenkrans kreeg de vorm zoals we hem vandaag kennen in de 15e eeuw door de prediking van de dominicaanAlanus de Rupe (Alain de la Roche, ca. 1428 - 1475).[1][2]
De rozenkrans wordt vaak geassocieerd met deHeilige Dominicus, de stichter van dedominicanenorde, maar er zijn geen bewijzen dat hij er de grondlegger van zou zijn.
Paus Leo X gaf in1520 goedkeuring aan het gebed en de Kerk heeft de rozenkrans sindsdien steeds aanbevolen.
Aan christelijke zijde werd de overwinning bij deSlag bij Lepanto op 7 oktober 1571 toegeschreven aan het bidden van de rozenkrans door zowel het niet-strijdende volk als de krijgsmacht. Na de slag steldePaus Pius V officieel op 7 oktober een feestdag in als gedachtenis van de overwinning op deOttomanen. Sindsdien geldt de maand oktober alsrozenkransmaand in de Rooms-Katholieke Kerk.
De geprofeste leken, mannen die de lagere wijdingen ontvingen maar geen priesters zijn, en vrouwelijke religieuzen mogen volgens de tradities en regels van dekerkelijke heraldiek een rozenkrans om hun wapen hangen. Deze rozenkrans is zwart maar voor deOrde van Malta is een uitzondering gemaakt; de leden van deze orde voeren een wit kralensnoer met een daaraan bevestigd kruis van Malta in hun wapens.