De naam Pakistan zou voor het eerst naar voren gebracht zijn doorChoudhary Rahmat Ali in zijn pamflet "Now or Never"[4] uit1933. Het is eenacroniem van de eerste letters van de vijf noordelijke regionen vanBrits-Indië:P komt vanPunjab, deA vanAfghania, deK vanKasjmir, deS vanSindh enTan vanBeloetsjistan. Deze letters vormenPakstan. Een i werd toegevoegd om de uitspraak te vereenvoudigen.In hetUrdu en hetPerzisch betekent PakistanLand der reinen.
Pakistan werd op 14 augustus 1947 gesticht om Indiasemoslims hun eigen staat te geven. Het was toen eendominion binnen hetBritseCommonwealth, en bestond uit West-Pakistan (het gebied van het huidige Pakistan) enOost-Bengalen (het gebied van het huidigeBangladesh). De naam Oost-Bengalen werd veranderd in Oost-Pakistan. In 1956 werd het geheel een zelfstandige republiek.Mohammed Ali Jinnah geldt als de grondlegger van Pakistan. Hij was de eerste gouverneur van het land (van 1947 tot 1948).
Begin zestiger jaren ontstonden er inJammu en Kasjmir bij herhaling grensgeschillen en oorlogen, die blijven opspelen als een etterende zweer, hetKasjmirconflict tussen het overwegend islamitische Pakistan enIndia, waar hindoeïsme in de meerderheid is. Een ernstig aspect is hierbij dat het twee naburige staten betreft, die ook tot kernmachten moeten worden gerekend.
In 1971 brak een burgeroorlog uit in Oost-Pakistan en beïnvloed door India verklaarde Oost-Pakistan zich onafhankelijk onder de naam Bangladesh.
In 1973 werd een nieuwegrondwet aangenomen en kreeg het land officieel eenpresident en eenpremier.Ali Bhutto werd premier. In 1977 werd echter opnieuw eenstaatsgreep gepleegd, ditmaal onder leiding van generaalMohammed Zia-ul-Haq, die Ali Bhutto in 1979 liet executeren.
Na de dood van Zia ul-Haq (augustus 1988) werden er vrije verkiezingen gehouden, die gewonnen werden doorBenazir Bhutto, dochter van de opgehangen Ali Bhutto. Daarmee werd ze de eerste vrouwelijke premier in een islamitisch land. Haar beleid werd echter gekenmerkt doorcorruptie envriendjespolitiek.[5] In 1990 werd zij door presidentGhulam Ishaq Khan ontslagen.
Op 28 mei 1998 voerde Pakistan zijn eerste test met eenkernbom uit. Vermoedelijk is het merendeel van de kennis hiervoor door de Pakistaanse kernfysicusAbdul Qadir Khan uitNederland gesmokkeld.
In 1999 greep generaalPervez Musharraf de macht in een staatsgreep, waarbij de democratische regering vanNawaz Sharif werd afgezet. Deseculiere dictator Musharraf kreeg veel steun uit hetWesten en voerde een prowesters beleid, vaak tot onvrede van de islamitische bevolking.
Op 8 oktober 2005 werd het land getroffen door een zwareaardbeving die een kracht van 7,6 op deschaal van Richter had. In België werd hiervoor debenefietactie HOOP (= Help Ons Overwinteren (in) Pakistan) op touw gezet.
Op 27 december 2007 werd oud-premierBenazir Bhutto na een verkiezingstoespraak om het leven gebracht.
Eind juli 2010, en opnieuw in de zomer van 2022, werd het land getroffen door zeer zwareoverstromingen met catastrofale gevolgen.
Pakistan heeft een oppervlakte van796.095km². Ten zuiden van het land bevindt zich deArabische Zee, met 1046km kustlijn. Ten oosten ligtIndia (grens 2912km), ten noordoostenChina (grens 523km), ten noorden en noordwesten ligtAfghanistan (grens 2430km) en ten westen ligtIran (grens 909km).
De belangrijkste rivier is deIndus. Met India werd reeds in 1960 hetIndus-Waterverdrag afgesloten, om het beheer over het rivierbekken te regelen.
Het noorden van Pakistan is bergachtig, en sommige bergen, zoals deK2 inKasjmir, behoren tot de hoogste in de wereld. In het zuiden vindt men hetKirthargebergte.
DePunjabi's vormen de grootste etnische groep in het land. Belangrijke andere etnische groepen zijn dePathanen,Sindhi's,Beloetsji,Muhajirs enSeraiki's. Verschillende andere etnische groepen wonen vooral in het bergachtige noorden van het land.
Van de bevolking hangt 96% deislam aan, maar ookhindoeïsme (1,0%),christendom (2%),sikhisme (0,5%) enboeddhisme (0,5%), komen voor. De islam is erstaatsgodsdienst, die volgens de grondwet van overheidswege bevorderd dient te worden. Een Adviesraad voor Islamitische Ideologie doet onder meer voorstellen voor de islamisering van de grondwet. De meeste Pakistaanse moslims zijnsoennitisch in een vaak behoudende en traditionele vorm. 5 tot 7 procent is sjiiet. Lokaleimams en andere geestelijken hebben binnen destamverbanden vaak enorme invloed.
Ook zijn er vrij veel aanhangers van deAhmadiyya-beweging, die door de meeste moslims als niet-islamitisch wordt gezien. Deze groep wordt dan ookvervolgd en gediscrimineerd, hetgeen in Pakistan zelfs bij wet is geregeld.
Ahmadimoslims en niet-moslims hebben veel last van de Pakistaanse blasfemiewet. In deze wet wordt blasfemie strafbaar gesteld, maar in de praktijk wordt de wet vaak gebruikt om minderheden een voet dwars te zetten.[7] Volgens de organisatieCatholic Church’s National Commission on Justice and Peace zijn tussen 2001 en 2008 circa 50 christenen gedood na beschuldiging van blasfemie.[8] In 2010 werd een Pakistaanse vrouw (Asia Bibi) ter dood veroordeeld na een beschuldiging van blasfemie. Deze zaak trok veel internationale aandacht.
Pogingen om de wet aan te passen zijn echter zeer controversieel en blijken zelfs levensgevaarlijk te zijn voor diegenen die ijveren om deze wet af te schaffen. In 2011 werden zowel de gouverneur van de Punjab,Salman Taseer, als de katholieke minister voor minderheden,Shahbaz Bhatti, vermoord nadat zij zich tegen deze wet hadden uitgesproken.
In maart 2016 aanvaardde het Pakistaanse parlement een resolutie van parlementslid Ramesh Kumar Vankwani van dePML-N waarinHoli,Diwali enPasen werden erkend als officiële feestdagen.
Festivals zoals Holi en Diwali waren aanvankelijk officiële feestdagen in Pakistan na de onafhankelijkheid van het land, maar de viering ervan werd optioneel gemaakt. Grootschalige viering van de festivals werd steeds zeldzamer sinds de militaire regering vanZia ul-Haq in 1978 een beleid vanislamisering afkondigde.
Volgens de organisatieDokters van de Wereld is het met devrouwenrechten in het land niet goed gesteld. Anno 2006 komt in 80% van dehuwelijkenhuiselijk,seksueel en/ofpsychologisch geweld voor. Daarnaast zou vier op de vijf vrouwen die gearresteerd worden, door politie of gevangenisbewakers worden verkracht. In een poging het geweld tegen vrouwen te verminderen stemde het Pakistaans parlement in november 2006 in met een wetswijziging ten aanzien vanverkrachting enoverspel. Vrouwen die het slachtoffer van verkrachting zijn geworden, hoeven niet langer vier mannelijke ooggetuigen op te voeren die haar verhaal bevestigen om te voorkomen dat ze mogelijk vervolgd wordt wegens overspel. Vanuit streng islamitischeparlementariërs kwam overigens fel verzet tegen de versoepeling van deze wetgeving, omdat het "vrije seks" in de hand zou werken.[9]Malala Yousafzai werd een bekend gezicht van de beweging voor vrouwenrechten.
In Pakistan verblijven honderdduizenden personen van Afghaanse origine (Urdu: افغان مهاجرين, Afghān muhājirīn, letterlijk ‘Afghaanse migranten’), van wie sommigen in Pakistan geregistreerd staan alsvluchteling enasielzoeker. De geregistreerde personen vallen onder de jurisdictie van deHoge Commissaris voor de vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR). Velen van hen zijn de afgelopen vier decennia in Pakistan geboren en getogen. Daarnaast zijn er ook aanvragers van een speciaal immigrantenvisum die wachten op immigratie naar de Verenigde Staten. In 2025 ondernam de Pakistaanse regering maatregelen om de Afghanen te doen terugkeren.[11]
In april 2010 nam het parlement een ingrijpende herziening van de grondwet aan, waarbij de bevoegdheden van de president sterk werden ingeperkt. Sindsdien kan het staatshoofd niet langer de premier en het parlement naar huis sturen enrechters ontslaan, praktijken waar diverse eerdere presidenten volop gebruik van hebben gemaakt. Het staatshoofd kreeg een voornamelijk ceremoniële functie. De grondwetsherziening werd gezien als een einde aan jaren van militaire macht in het land.
In de provincieBeloetsjistan zijn er groeperingen die streven naar een grotereautonomie ofonafhankelijkheid. Dit mede omdat er onvrede is over de verdeling van de opbrengsten van de in deze provincie aanwezigegasvoorraden en andere minerale rijkdommen. Deze groeperingen hanteren soms gewelddadige methodes. Beloetsjistan is ook een van de armste provincies van het land.
Ook inWaziristan en andere grensgebieden met Afghanistan bestaat separatisme. In sommige gebieden is dat streven dusdanig ver voortgezet dat de Pakistaanse overheid er geen enkele feitelijke zeggenschap heeft.
Pakistan kentleerplicht. Kinderen moeten van hun 5e tot hun 16e naar school. Vooral op het platteland zijn de onderwijsmogelijkheden echter beperkt en wordt vaak lesgegeven door daartoe niet opgeleide leerkrachten. Van de leerlingen die wel naar school gaan, verlaten er veel na hun 16e het schoolsysteem. Slechts 40 procent van de leerlingen gaat naar de bovenbouw van desecondary school.6,5 miljoen kinderen gaan niet naar school (vooral meisjes).[12]
Het onderwijs in Pakistan lijkt op het Britse systeem. De basisschool – ofprimary school – heeft een duur van 5 jaar. Daarna volgt demiddle school met de groepen 6 tot en met 10.
Vervolgens kunnen de leerlingen naar het algemeen vormend onderwijs of naar het beroepsonderwijs.
Het algemeen vormend onderwijs bestaat uit een onderbouw (secondary school) en een bovenbouw (higher secondary school ofintermediate school), die beide twee jaar duren. Het diploma is bij deze opleiding voorzien van een graad. Graad C of hoger is vergelijkbaar met eenhavodiploma, vanaf graad D is de opleiding vergelijkbaar metvmbo-t.
Hetberoepsonderwijs kan direct na demiddle school worden begonnen, maar ook na desecondary school. De opleiding wordt op drie niveaus aangeboden: aan een Vocational Institute (opleidingsduur 3 maanden tot 2 jaar, vergelijkbaar metvmbo), aan een Technical Training College (opleidingsduur 2 jaar, vergelijkbaar met vmbo) of aan een Polytechnics Institute (toelating na desecondary school, opleidingsduur 3 jaar, vergelijkbaar metmbo niveau 2 of 3). Het diploma van het Polytechnics Institute kan toegang opleveren tot het hoger onderwijs.
Hethoger onderwijs wordt verzorgd door universiteiten en Colleges of Technology (voor het hoger beroepsonderwijs).
Aan de universiteiten wordenbacheloropleidingen op vier niveaus aangeboden. Het eerste niveau bacheloropleiding is vergelijkbaar, wat niveau betreft, met eenvwo-diploma. Afhankelijk van de gevolgde bacheloropleiding kan nog een een- of tweejarige masteropleiding worden gevolgd. Vervolgens is promotie mogelijk (PhD). De toelating tot het hoger onderwijs is afhankelijk van de eisen van het instituut dat de opleiding verzorgt.
De Colleges of Technology bieden opleidingen aan van 2 jaar en zijn sterk praktijkgericht. Het niveau is vergelijkbaar met het tweede jaarhbo. Vervolgens kan een tweejarige opleiding gevolgd worden tot “bachelor of technology (honours)”.
Daarnaast is er nog een religieus onderwijssysteem dat geheel losstaat van het officiële systeem en wordt gegeven aan een madrassah. Dit onderwijs beslaat het gehele spectrum van basisonderwijs tot aan wetenschappelijk onderwijs.[13]
De buitenlandse politiek van Pakistan is met name gericht op betrekkingen metChina en deVerenigde Staten. Met buurland India is Pakistan sinds de onafhankelijkheid herhaaldelijk in een gewapend conflict geraakt. De buurlanden zijn de enige staten ter wereld die toegegeven hebben over kernwapens te beschikken zonder hetNon-proliferatieverdrag te hebben getekend. Pakistan voerde de eerste test uit in mei 1998 en schattingen over het aantal kernkoppen lopen uiteen van 24 tot 52 stuks.
MetAfghanistan is de grens niet officieel in een verdrag vastgelegd. De betrekkingen met Iran worden mede bepaald door deBeloetsjen, een volk dat in beide landen woont en waaronder een onafhankelijkheidsbeweging actief is. Deze maakt soms gebruik van aanslagen en ander geweld.
Sinds Pakistan in strijd met hetNon-proliferatieverdrag de beschikking heeft overkernwapens staan de Verenigde Staten argwanend tegenover de verdere ontwikkeling en productie door Pakistan vanballistische raketten, die zouden kunnen worden uitgerust met een nucleaire lading. De Verenigde Staten hebben sinds november 2021 reeds zesmaal sancties opgelegd aan een Pakistaans bedrijf en verschillende Chinese "entiteiten en één individu" wegens het leveren van apparatuur en technologie die die verdere ontwikkeling van ballistische raketten in Pakistan zouden dienen. Onder deze sancties kunnen de in de VS gevestigde activa van de genoemde personen worden bevroren, en het is Amerikaanse burgers of personen in de VS verboden zaken met hen te doen.[14]