Movatterモバイル変換


[0]ホーム

URL:


Naar inhoud springen
Wikipediade vrije encyclopedie
Zoeken

Odin (god)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Oden som vandringsman (Odin de wandelaar), Georg von Rosen, 1886
Odin, zijn twee raven (Huginn en Muninn) en zijn twee wolven (Geri en Freki), Mary H. Foster, 1901
Odin bij de bron vanMimir,Robert Engels, 1903
Odin's offer,Lorenz Frølich, 1895
Odin rijdt opSleipnir,manuscript uit deachttiende eeuw
Odin rijdtWalhalla binnen opSleipnir (Ardre image stone)
Odin en twee vormen van de triquetra-vorm van deValknut op desteen van Tängelgarda
Odin enSága
Odin ofWodan, 1832

Odin (Oudnoords:Óðinn,Zweeds enDeens:Oden) wordt gezien als deoppergod of alvader in deNoordse mythologie. Deze vormen zijn afgeleid vanProto-Germaans*Wōdanaz, waaruit tevensOudsaksischWōdan,AngelsaksischWōden,OudnederlandsWuodan of*Wuotan,Oudfries*Wēda,OudhoogduitsWōtan ofWōdan enLombardischGuodan.

Odin is de god van kennis, wijsheid, strijd, oorlog, het hiernamaals, magie, geneeskunst en hetrunenschrift.

De beschrijving van Odin stamt vooral uit deGylfaginning, een vertelling van de IJslanderSnorri Sturluson uit de 13e eeuw, waarin het christelijke perspectief overheerst. Oudere bronnen zoals dePoëtische Edda geven een minder eenduidig beeld.

Volgens Snorri woont hij inGladsheimr maar verblijft ook regelmatig inValaskjálf (Asgard) waar zijn zetelHlidskjalf ruim uitzicht over de werelden biedt. Hij heeft daar nog een speciale halWalhalla, met vele poorten en bedekt met schilden, waar hij alle eervol gesneuvelde en uitverkoren strijders ontvangt.

Behalve bijFrigg, zijn echtgenote, verwekte Odin ook kinderen bij andere vrouwen. Tot zijn zonen behoordenDonar,Baldr, de blindeHodr (ook wel Hod of Hodur) enSigi, de voorvader van hetVölsung geslacht, waartoe ookSigmund en diens zoonSiegfried behoorden. In de Proloog van deProza-Edda worden nog Veggdegg, Saeming en Yngvi (Freyr) als zijn zonen genoemd. MetFjorgyn (Aarde) heeft hij een zoonThor en met een reuzin een zoonVidar (God van de wraak), die hem in de eindstrijd zal wreken. MetRindr (winterse bevroren aarde) heeft hij de zoonVali.

Recente studies, met name van de Engelse taalkundige Richard North, suggereren dat de cultus van Odin / Wodan pas geruime tijd na deVolksverhuizingen zou zijn ontstaan.[1] De god Odin zou dan de eigenschappen van eerdere goden, met name van de vruchtbaarheidsgod Yngvi, maar ook van dechristelijke God, hebben overgenomen. Later zou hij door christelijke auteurs met terugwerkende kracht als een negatief ofheidens spiegelbeeld van de christelijke god worden afgeschilderd. Met name Odins ophanging aan de levensboom spiegelt zowel de dood vanChristus aan het kruis als de dood van de verraderJudas, die net als Odin hangend aan een boom werd afgebeeld.

De naam Odin

[bewerken |brontekst bewerken]

De naamWodan voor een vroegmiddeleeuwse oppergod was algemeen in Noordwest-Europa: hij werd in Noord-Europa als Odin weergeven. Wodan wordt doorgaans gelijkgesteld met de god Mercurius, zoals beschreven door Tacitus in zijnweergave van de inheemse goden. Mogelijk was de godheid Wodan in de Romeinse tijd echter nog niet bekend.

De naam is afgeleid van Protogermaans*wōdaz, in de betekenis van 'woede', 'boosheid' of 'extase'. De naam Odin is nauw verwant met die van een andere Noorse god,Óðr. HetOudnoorse woordóðr duidt op 'woede' of 'razernij', maar ook op 'extase', 'dichtkunst' of zelfs 'universele wijsheid', verwant aan Oudengelswōð 'lied, gedicht'. Ten grondslag hieraan ligt vermoedelijk eenIndoeuropees woord*wāth- dat verwijst naar 'emotionele opwinding', 'extase' en 'dichterlijke inspiratie'. Daarvan afgeleid zijn woorden als Latijnuātēs 'profeet, dichter',Oudiersfáith (idem) enfáth 'voorspelling',Welshgwawd 'gedicht', maar ook 'wrok'.[2] Odin wordt zodoende zowel metwijsheid (kennis, wijsheid, profetie, poëzie en literatuur) als met kracht (energie, strijd en oorlog) in verband gebracht.

In hetNederlands leeft de naam van de god voort in naam van de weekdagwoensdag, Frieswoansdei,EngelsWednesday (van Oudengelswōdnesdæġ), Skandinavischonsdag (van Oudnoorsóðinsdagr). Het Oudhoogduitse*wotanstag werd later onder invloed van kerkelijke zuiveringsbewegingen omgedoopt totMittwoch (Midweek).

Opperste kennis en wijsheid

[bewerken |brontekst bewerken]

Odin was de meest begaafde onder hen en van hem leerden ze alle –althans de meeste- kunsten, want hij beheerste ze als eerste allemaal. En als men verklaren moet waarom Odin zozeer geëerd werd, dan was dat om de volgende redenen: als hij bij zijn vrienden zat, was hij zo mooi en indrukwekkend om te zien, dat het eenieder warm om het hart werd (Proza-Edda,Gylfaginning, 7).[3]

Odin is in deEdda het levend symbool van opperste macht en wijsheid. Hij is in die hoedanigheid zelf tot stand gekomen via dereusYmir die aspecten van een levende plant kreeg waaruit allerlei wezens groeien zoals de reuzenBúri ofBorr enBestla die zelf Odin,Vili en voortbrengen.

De laatste drie scheppen samenMidgard, een wereld waar mensen kunnen leven. Als materiaal daarvoor gebruiken zij de oerreus Ymir, die door hen wordt opgeofferd. (De schedel van de reus wordt het uitspansel, gedragen door vierdwergen: noord, zuid, oost en west. De hersenen worden wolken, de botten gebergten enz.Alven veranderen het bloed van de reus in water en zee, en zijn vlees in aarde en klei.) Odin heeft veel gezichten en evenveel namen (inGrimnismal alleen al vijftig). Zo wordt hij ookAlvader genoemd, omdat hij een van de scheppers van de wereld is. Hij wordt eveneens 'de wandelaar' genoemd, omdat hij altijd onderweg is en tussen de mensen aanwezig, om nieuwe kennis op te doen. Hij kan van gedaante veranderen, en beleeft aldus vele avonturen. Hij heeft niet altijd even makkelijke karaktertrekjes, want behalve wijs is hij ook tegelijk sluw.

Odin bij de bron vanMimir, John Angell James Brindley, 1893

Hij heeft een oog afgestaan aan de reusMímir om van de bron van wijsheid te mogen drinken en dat ligt nu helemaal op de bodem van de bron. Die bron bevond zich op het gebied van Mímir, die er alle dagen van dronk en steeds tegen zichzelfschaak speelde. Odin mocht van de bron drinken, op voorwaarde dat hij er een prijs zou voor betalen. Odin zei dat hij er wel een oog wilde voor afstaan waarop Mímir hem zei dat dit dan ook de prijs was die hij vroeg. Mímir was echter niet kwaadwillend, hij wilde enkel aantonen dat wijsheid zijn prijs heeft. Hij verzorgde Odin dan ook zo goed mogelijk. Later, wanneer de oppergod terugkeerde naar deAsgard, werd hij vergezeld door Mímir, die voortaan de raadsheer van de goden zou zijn en regelmatig met Odin een spelletjeschaak speelde. Aan dit avontuur hield Odin de naam "de Eenogige" over. Zijn kennis van de toekomst bedrukte Odin. Hij zat ook met de vraag waar hij alleen het antwoord op wist, deOdinsvraag. En deGermaansemythologischecyclus was begonnen met een bloedbad toen Odin en zijn broersVili en, de mensenwereld uit het lijk van de vorstreusYmir schiepen, en zou eindigen met het bloedbadRagnarok, waar het bloed van de reuzen zelf zou vloeien. Deproloog totRagnarok was de dood van Odins zoonBaldr, die de goden deed beseffen datLoki’s listigheid een verduivelde macht was geworden. Odin kan decatastrofe niet voorkomen. Zijn enige troost ligt in de wetenschap dat Baldr als oppergod vereerd zal worden in een nieuw land dat uit deOeroceaan zal oprijzen. Baldr komt over als een soort veredelde heruitgave van Odin: zonder zijn kleine kantjes. In deVölsunga-saga wordt verteld dat Odin zijn zwaard in debarnstok plantte, de eik in het hof van koningVölsung. Het zwaard was voor diegene die hem er uit kon trekken. AlleenSigmund was daartoe in staat. Als Sigmund om jonkvrouw Hjördis (Siegfrieds moeder) strijdt metLyngvi, een zoon van koning Hondenzoon, slaat Odin Sigmunds zwaard met eenhellebaard in stukken, zodat Sigmund het onderspit delft. De stukken van Odins zwaard worden later door de dwergRegin voor Siegfried aaneengesmeed en met dit zwaard, Gram, kan Sigmunds zoon Siegfried de draakFafnir verslaan.

Odins offer

[bewerken |brontekst bewerken]

Aldus vertelt Odin/Wodan hoe hij de runen der wijsheid verwierf:

Ik weet dat ik hing aan een winderige boom, negen nachten lang, verwond door een speer aan Odin gegeven, ikzelf aan mijzelf, aan die stam waarvan niemand weet uit welke wortels hij groeit.

Ik verkocht mezelf niet voor drank of brood, ik tuurde omlaag, ik nam de runen op, schreeuwend nam ik ze op, vervolgens viel ik eraf.

Ik leerde negen machtige spreuken van de befaamde zoon van Bölthor, de vader van Bestla, ik kreeg een dronk van de kostbare mede, gelepeld uit de ketel met de Gister der Geest.

Ik werd vruchtbaar en kreeg zaad, ik groeide en bloeide, het woord voerde mij van woord naar woord, de daad voerde mij van daad naar daad.

(Hávamál 138-141, vertaling Marcel Otten)

Auteurs als Arnold Jan Scheer betogen dat het schenken van runen aan de mensheid het prototype was voor het schenken van letters van koek of later chocolade door de - deels naar Wodan/Odin gemodelleerde - Sinterklaas.

God van strijd en oorlog

[bewerken |brontekst bewerken]

Odin is op vele manieren een strijder. Vooral met woorden. De woordkunst werd hoog aangeschreven in de noordse beschaving. Er was een doorgedreven debatcultuur, (waarbij de verliezer letterlijk het hoofd kwijt kon raken... ). Wodan is in principe geen godheid van de oorlog zoalsTýr ofThor, die eerder verwant zijn aan andereIndo-Europese goden zoalsIndra enZeus. Onze voorouders riepen hem weliswaar aan in hun verdedigingsstrijd tegen de Romeinse agressors, toch is zijn karakter eerder die van een zwervende wijsheidszoeker, charmeur en schelm, een extatische sjamaanfiguur en patroon voor dichters en verhalenvertellers. Hij zet de mensen niet tot oorlog aan maar kiest wel partij, waarbij de kant die hij kiest over het algemeen de winnende partij betreft. Daarbij belichaamt hij de 'Wōdanaz', de extatische strijd.

Als hij echter ten strijde trok, leek hij afschrikwekkend in de ogen van zijn vijanden. Dat kwam doordat hij de kunst verstond om op velerlei wijze van uiterlijk en gedaante te veranderen, al naar hem zinde. Ook kon hij zo vlot en goed praten dat eenieder die ernaar luisterde, dacht dat alleen dat de waarheid was. Hij zei alles in versvorm, zoals dat heden nog in de dichtkunst gebeurt. Hij en zijn priesters heten ‘versmakers’, want zij zijn in de noordse landen met die kunst begonnen (Proza Edda, Gylfaginning, 8).

Odin stond vooral bij deVikingen in hoog aanzien en zijn verering bereikte een hoogtepunt in de8e en9e eeuw. De ruige zeelieden en plunderaars voelden zich aangetrokken tot 'de vader der gesneuvelden', die in hetWalhalla deEinherjar ('roemrijke doden') huisvestte.In deze periode kwam de eenogige Odin vermoedelijk als oppergod in de plaats vanTýr, volgens deRomeinen dehemelgod van de Noord-Europese volkeren. Ook Tyr was eenoorlogsgod, maar Odin bezielde de fanatiekste krijgers. Hij kon mannen in een staat vanrazernij brengen, zodat ze nergens bang voor waren en geenpijn meer voelden.

Odin kon bewerken dat zijn vijanden in de slag blind, doof, of van angst vervuld werden, en dat hun wapens net zo scherp werden als bezems. Zijn mannen vochten zonder harnas en gedroegen zich als dolle honden of wolven, beten in hun schilden, waren sterk als beren of stieren. Ze doodden mensen, en vuur noch ijzer konden hen schaden. Zoiets wordtberserkerwoede genoemd (Proza Edda, Gylfaginning, 9).[3]

Deze angstaanjagende 'berserkers' stortten zich naakt en met luid kabaal in de strijd, het lichaam geheel zwart geverfd. Ze waren een schrikbeeld voor de Romeinen. Odins naam betekent zoveel als 'razernij' of 'waanzin', en suggereert eenzelfde bezetenheid als die van de Ierse heldCú Chulainn. Uit het feit dat Odin oppergod werd, blijkt hoe belangrijk oorlogvoering voor deGermanen was geworden. Odin zaait altijd conflicten en bevalFreyja eens twee vorsten elkaar naar de strot te laten vliegen, zodat hunvazallen op het slagveld door plassenbloed moesten waden. Het bijeenbrengen van gesneuvelde krijgers in hetWalhalla is de enige strategie die hij kan volgen met het oog op de godenschemering. Hij heeft de Einherjar, strijders in woord en daad, hard nodig voor de definitieve slag tegen de vorstreuzen op deVigrid-vlakte, die bijna niemand zal overleven. Tijdens de godenschemering wordt zelfs Odin gedood door de allesverscheurende wolfFenrir, een van de kinderen vanLoki. De scheppingsgod gaat mee ten onder met zijn schepping.

Scan van het boek "Walhall", Felix en Therese Dahn, 1888
Oden, Otto Henrik Wallgren

God van magie en geneeskunde

[bewerken |brontekst bewerken]

Odin is tegelijk de god vanwijsheid entovenarij (kennis en kunde). Hij heeft bijna alles over voor wijsheid. Zozeer zelfs dat hij zijn ene oog in de bron van Mimir had geworpen in ruil voor wijsheid. Hij kreeg initiële diepe wijsheid door zich negen dagen op te hangen aan de wereldboomYggdrasil. Door deze vrijwillige dood en de daarop volgende herrijzing (zijn zelf opgelegdeinitiatie tot eerstesjamaan) verkreeg hij grotere wijsheid dan wie ook. DeGylfaginning vertelt het volgende over hem:[3]

  • Ódin kon van gedaante veranderen. Dan lag zijn lichaam erbij alsof het dood of ingeslapen was, en onderwijl was hij dan een vogel of viervoetig dier of een vis of een slang, en zo ging hij vliegensvlug naar verre landen om daar zijn zaken of die van anderen te behartigen. Ook kon hij door middel van woorden alleen vuur doven, de zee tot bedaren brengen en de wind laten waaien uit iedere richting die hij maar wilde.
  • Ódin had een schip datSkíðblaðnir heette, waarmee hij grote zeeën bevoer; dat schip kon als een doek opgevouwen worden.
  • Òdin had het hoofd van Mímír altijd bij zich en dat vertelde hem veel nieuws uit andere werelden. Soms wekte hij doden uit de aarde op of ging onder gehangenen zitten. Daarom werd hij ook wel Heer van de Doden of Heer van de Gehangenen genoemd. Hij bezat twee raven die hij had leren spreken. Ze vlogen de hele wereld door en brachten hem vele berichten. Door dit alles werd hij uitermate wijs. Al deze kunsten onderwees hij in runen en liederen die `toverzangen' heten. Daarom worden de Asen ook wel `tovenaars' genoemd.
  • Ódin beheerste de kunst die de meeste macht geeft, de `seidr', en beoefende die zelf ook. Daardoor kon hij het lot van de mensen en de toekomst te weten komen. Ook kon hij dood, ongeluk of ziekte van mensen veroorzaken en hen van hun verstand of kracht beroven en die aan anderen geven. Als dit soort rituelen plaatsvinden, gaat dat met zo veel seksuele uitspattingen gepaard, dat men vond dat mannen zulke rituelen niet zonder schande konden leiden, en daarom werd deze kunst aan priesteressen onderwezen.
Odin enSága drinken samen, Robert Engels, 1919
Odin rijdt naarHel, W.G. Collingwood, 1908
  • Ódin wist altijd waar geld in de grond verborgen zat en kende de spreuken waardoor de aarde, de bergen, de rotsen engrafheuvels voor hem opengingen, en met woorden alleen bond hij degenen die op de schatten moesten passen, ging naar binnen en nam wat hij wilde.
  • De mensen brachten offers aan Ódin en aan de andere elf vorsten en ze noemden hen hun goden en lange tijd geloofden ze in hen.
  • Door deze krachten werd hij zeer beroemd. Zijn vijanden vreesden hem, maar zijn vrienden vertrouwden hem en geloofden in hem en in zijn kracht. De meeste van zijn kunsten onderwees hij aan zijn priesters. Ze waren bijna even wijs en bedreven in de toverkunst als hijzelf. Vele anderen hebben er echter ook heel wat van geleerd en zo heeft de toverkunst zich ver verbreid en is lang blijven bestaan.
  • Van Ódins naam is de naam Auðun afgeleid. De mensen gaven die naam aan hun zonen, zoals ze ook de naam van Thór gebruikten in namen als Thórir, Thórarin, Steinthór en Hafthór.

Odin laat zich verder op de hoogte houden van de ontwikkelende kennis en gebeurtenissen in de negen werelden, door zijn twee trouweraven er op uit te sturen en hem verslag te laten komen uitbrengen.

Runen

[bewerken |brontekst bewerken]

Zoals eerder vermeld, hing Odin zichzelf aan de levensboom om zijn wijsheid te voeden. Een van die dingen was het verkrijgen van de magischerunen (hetrunen ritsen). Deze tekens bestaan uit krachtige lijnen. Dit met doel ze gemakkelijk te tekenen op rotsen, metalen of hout. De runen zouden toegang geven tot de machtige natuurkrachten.

Attributen

[bewerken |brontekst bewerken]

Ook beschikte hij over een achtbenig paard,Sleipnir genaamd. Sleipnir was uiteraard het snelste paard van de godenwereld. Het had al de 24 Runen op de tanden. Ook de naamYggdrasil betekent letterlijk 'felle hengst' en verwijst naar de fervente 'woede' van Odin.

Odins bekendste attributen:

  • zijn speerGungnir, een speer die nooit haar doel mist.
  • zijn ringDraupnir beide door de dwergen gesmeed. De ring brengt om de negen dagen negen gouden ringen voort.
  • De ravenHuginn (gedachte) en Muninn (geheugen) zitten op zijn schouders. Zij vliegen de wereld over en vertellen Odin alles wat ze tijdens hun reizen te weten komen.
  • Hij draagt vaak een beker in de hand, symbool van de kosmos (de ketel), waaruit hij demede drinkt, die Oddroerir heet, die zijn geest doet gisten en wijsheid en nieuwe kennis doet opborrelen.
  • Odin loopt rond met een staf waarvan de knop voortdurend frisgroene bladeren en bloemen draagt.
  • Achter Odin aan lopen de wolven Geri (gulzigheid, gretigheid) enFreki (vraatzucht, vrekkigheid) die hij voedt. Zelf eet hij niet, maar drinkt enkel mede.

Odin wordt ook geassocieerd met het concept van deWilde Jacht, een lawaaierige, bulderend loeiende horde, die zich doorheen de ruimte beweegt aan het hoofd van de verslagenen (direct vergelijkbaar met deVedischeRudra en deMaruts).

Odin deelt hetJoelfeest (21 december) met de godUll.

Odin in de Proloog van de Proza-Edda

[bewerken |brontekst bewerken]

Volgens de Proloog van deProza-Edda stamde Voden (Odin) na zeventien generaties (Loridi, Einridi, Vingethor, Vingenir, Moda, Magi, Seskef, Bedvig, Athra-Annar, Itrmann, Heremod, Skjaldun-Skjold, Biaf-Bjar, Jat, Gudolf, Finn, Friallaf-Fridleif) af van Tror (Thor). Thor zou de zoon zijn van Munon (Mennon) en Troan, de dochter vanPriamus vanTroje. Thor groeide op inThracië (Trudheim) bij graaf Loricus en zijn vrouw Lora (Glora). Odin besloot Turkije in Asia (het Verre- en Midden-Oosten werden als delen van Asia beschouwd) te verlaten en reisde noordwaarts naar Saxland,Reidgotaland en Zweden, waar hij koningGylfi ontmoette. Odins zoon Veggdegg regeerde over Oost-Saxland, zijn tweede zoon Beldegg (Baldr) overWestphalia en de nakomelingen van zijn derde zoon Siggi (Sigi), de Völsungen, zouden over Frankrijk gaan regeren. Een andere zoon van Odin, Skjold, werd koning van Reigotaland en van de Skjoldungen kwam de familie van de Deense koningen. In Zweden stichtte OdinSigtun (bijStockholm). In Noorwegen werd Odins zoon Saeming koning, stamvader van de Noorse koningen.Yngvi volgde zijn vader Odin op als een koning van Zweden. Hij was de stamvader van de Ynglingen.[4]

Religieuze gebruiken

[bewerken |brontekst bewerken]
Odin strijd tegenFenrir tijdensRagnarok, Friedrich Wilhelm Heine , 1882
Odin enFenrir, Lorenz Frølich, 1895

Men vereerde de Noordse goden op verschillende manieren. Grote beelden vanThor, Odin enFreyr stonden in de indrukwekkendetempel inUppsala in Zweden, waar onder andere ook mensenoffers werden gebracht. In de kleinere tempels brachten de priesters dienstoffers, vooral aan Thor en Freyr.

Men betoonde zijn eer ook op minder dramatische wijze: men bracht offers aan heilige bossen, rotsen of stenen die men als verblijfplaats van beschermgoden ofgodinnen zag. Dit soort offers bestond meestal uit voedsel.

Tevens bouwde men eenvoudige altaren van opgestapelde stenen in de open lucht. De tempels waren vaak erg eenvoudig.

Men koos ook wel natuurlijke heilige plaatsen, zoalsHelgafell (Heilige Berg) op IJsland.Thorolf Mostur-Beard, een devoot volgeling van Thor, zei dat deze berg zo heilig was, dat niemand er ongewassen naar kon kijken en geen levend wezen daar kwaad zou worden aangedaan. Dezelfde Thorolf volgde ook een wijdverbreide gewoonte door de houten stijlen van zijn hoge stoel overboord te gooien toen zijn schip Ierland naderde. Zo kon Thor hem naar de plek leiden die zijn thuis zou zijn.

Thorolf beschouwde deze door Thor aangewezen plek als heilig en niemand mocht hem met bloed ontwijden. Maar ook is bekend dat er in Duitsland een dorp ligt genaamdWolfangel vernoemd naar een beschermenderune, en in België nabijDinant de tuinen van Freyr vernoemd naar de Noordse god.

Andere namen (kenningen)

[bewerken |brontekst bewerken]
Odin enQuetzalcoatl op de deuren van het Library of Congress John Adams Building, Washington, D.C.
  • Alfadir (alvader)
  • Bolverk (onheilbrenger)
  • Har (de heel hoge), Herran (Herjan, heer)
  • Harbard (grijsbaard)
  • Jafnhar (gelijk hoge)
  • Thidi (de derde)
  • Vegtam (de wegkenner)
  • Helgafell (heilige berg)
  • Uppsala (Tempel te Zweden)
  • Nikar (Hnikar), Nikuz (Hnikud)
  • Fjolnir (wijze ene)
  • Oski (vervuller van begeerte)
  • Omi
  • Biflidi (Biflindi) (speer driller)
  • Svidar, Svidrir, Vidrir (heerser over weer)
  • Jalg (Jalk)
  • Fimbultyr (machtige god), wildeNiflheim enMuspelheim laten ontstaan

Zie ook

[bewerken |brontekst bewerken]
Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en)Richard North(1997).Heathen Gods in Old English Literature. Cambridge University Press.
  2. (en)Thomas V. Gamkrelidze, Vjaceslav V. Ivanov(1995).Indo-European and the Indo-Europeans: A Reconstruction and Historical Analysis of a Proto-Language and Proto-Culture. Mouton de Gruyter,pp. 734.
  3. 123Snorri Sturluson,Over de noordse goden – Verhalen uitEdda enHeimskringla, vert. door P. Vermeydenuitg. Meulenhoff, 1983.ISBN 9029019018.
  4. Sturluson, S.,The Prose Edda, vertaling van J.L.Byock, Penguin classics, 2005, p. 5-8
·Overleg sjabloon (de pagina bestaat niet) ·Sjabloon bewerken
Mediabestanden
Zie de categorieOdin vanWikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.
Overgenomen van "https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Odin_(god)&oldid=70257142"
Categorieën:

[8]ページ先頭

©2009-2026 Movatter.jp