Eenmodel is een schematische weergave van de werkelijkheid.[1][2] In eenwetenschappelijke context gaat het vaak om doorwerkingen van een mathematisch-logisch systeem. Een model kanformeel zijn (bijvoorbeeld een wiskundigevergelijking, eendiagram of een tabel) of informeel (een beschrijving in woorden).
In het boekIntroduction to Operations Research (1957) introducerenC. West Churchman e.a. een onderscheid in drie typen modellen[3]:
Modellen kunnen op verschillende wijzen worden gebruikt. Zo kan eenmuziekstuk worden gespeeld, terwijl eenvliegsimulator voor training kan dienen. Met eeneconomisch model kunnen beleidsvoornemens worden getoetst. In eenwindtunnel kan eenschaatspak worden uitgeprobeerd,Madurodam is een grote trekpleister voortoeristen. Een heel bijzonder model isBiosfeer 2, een kunstmatig, gesloten ecologisch systeem waarin ook mensen hebben gewoond.
Modellen worden ook veel gebruik incomputers. Dit kunnen informatiemodellen zijn, beschrijvende modellen zijn of procedurele modellen zijn.Informatiemodellen, ook weldatamodellen genoemd, zijn beschrijvende modellen die beschrijven hoe iets is of moet zijn. Ze worden gewoonlijk vastgelegd in eendeclaratieve taal. Voorbeelden van beschrijvende modellen zijn modellen waarin producten (productmodellen), zoals gebouwen, fabrieken of onderdelen worden beschreven of waarin processen (procesmodellering|procesmodellen) worden beschreven. Die processen kunnen natuurkundige processen zijn, maar ook bedrijfsprocessen. Procedurele modellen zijn modellen die procedures bevatten die door computers uitgevoerd kunnen worden, bijvoorbeeld voor het uitvoeren van berekeningen voorkalibratie ensimulatie. Procedurele modellen worden meestal vastgelegd in eenprogrammeertaal
Elke wetenschappelijke discipline heeft zijn eigen modellen. Zo zijn er modellen in deeconomie, depsychologie, deklimatologie, deecologie en deverkeersafwikkeling.

De meeste mensen begrijpen niet hoe eentelevisietoestel precies werkt. Toch heeft eenieder een model van een tv in zijn of haar hoofd. Het model dat de meeste mensen in hun hoofd hebben ziet er ongeveer uit als weergegeven in de afbeelding. Hierin zijn de volgende zaken weergegeven:
De werking van de tv kan met behulp van het model als volgt worden beschreven: Het televisietoestel (1) haalt uit het stopcontact (3) de energie die noodzakelijk is om de signalen die uit de antenneaansluiting (2) komen, om te zetten in de voor de mens zichtbare lichtsignalen.
Als men dit model begrijpt, is het eenvoudig te verklaren waarom een televisietoestel niet kan werken als de stekker niet in het stopcontact zit. Het is duidelijk dat dit model een vereenvoudiging is: het houdt bijvoorbeeld geen rekening met de splitsing van het antennesignaal in een beeld- en een geluidssignaal. Als alleen het geluid uitvalt, geeft dit model dus geen verklaring. Een meer gedetailleerd model kan dat wel doen, maar ieder model moet zaken buiten beschouwing laten om verhelderend te kunnen zijn.