Movatterモバイル変換


[0]ホーム

URL:


Naar inhoud springen
Wikipediade vrije encyclopedie
Zoeken

Mobilisatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Oproep verlofgangers

Mobilisatie is het in staat van paraatheid brengen van dekrijgsmacht van een land:landmacht, en indien van toepassing ookmarine enluchtmacht.

Betekenis

[bewerken |brontekst bewerken]

De term mobilisatie wordt gebruikt om de overgangssituatie tussenvrede enoorlog aan te duiden. Hiertoe behoort ook het oproepen van demilitairen die met verlof zijn, het veiligstellen vanstrategische plekken en het vorderen vanvoertuigen en voorraden. Ook landen die geen deel hebben aan het conflict van hun buurlanden of volgens verdragen, zoals hetVerdrag van Parijs (1815), verplichtneutraal zijn en dus alsbufferstaat dienen, zullen tot mobilisatie overgaan, om niet als makkelijke doorgang of voornaamste strijdtoneel van de strijdende partijen te dienen. Een neutraal land stelt troepen op aan alle landsgrenzen en kusten en mag geen grensoverschrijdingen van strijdende partijen toestaan.

België 1914

[bewerken |brontekst bewerken]
De drie kruisen van deNationale Bond "Het Mobilisatiekruis 1914-1918".

Door de steeds toenemende oorlogsdreiging, na de moord op deOostenrijk-Hongaarsetroonopvolger,Frans Ferdinand op28 juni1914 inSarajevo, wordt hetBelgisch leger op29 juli1914 op versterkte vredesvoet geplaatst. De klassendienstplichtigen 1910, 1911 en 1912 worden weer onder de wapens geroepen.

Op31 juli 1914 wordt deAlgemene Mobilisatie uitgeroepen. De klassen van 1901 tot 1909 worden opgeroepen. Na de mobilisatie zijn 13 klassen actief. Klas 13 valt reeds onder de wet op de algemene dienstplicht van 30 augustus 1913.

Op4 augustus 1914 (Duitse inval in België) worden ook nog de klassen 1900 en 1899 opgeroepen. De oudste dienstplichtigen onder de wapens zijn dus tot 35 jaar oud.

In september 1914 roept men ook nog de klas 1914 op, die slechts ten dele kan worden ingelijfd, omdat dan een groot gedeelte vanBelgië al doorDuitsland is bezet.

België 1939 - 1940

[bewerken |brontekst bewerken]
Belgische bunkers van deKW-verdedigingslinie.

Op 26 augustus 1939 werd gestart met het op oorlogsvoet brengen van de actieve regimenten (1ste tot de 6de Infanteriedivisie, eerste divisie Ardense Jagers, Cavaleriecorps, Grenswielrijders, het vliegwezen, de luchtdoelartillerie en de vestingtroepen). Op 28 augustus 1939 volgt de wederoproeping van de divisies van eerste reserve, bestemd voor het oosten van België. Op 1 september 1939 roept men de andere divisies van eerste reserve op, samen met twee lichte regimenten en transporteenheden. Tussen 11 september 1939 en 13 januari 1940 roept men de divisies van tweede reserve op. DeAlgemene Mobilisatie zou plaatsvinden op10 mei1940.

KoningLeopold III van België vervult zijn rol als opperbevelhebber van de strijdkrachten en neemt op 3 september 1939 zijn intrek in het GrootHoofdkwartier in hetFort van Breendonk. De meeste troepen staan tegenoverNazi-Duitsland opgesteld, maar ook tegenoverFrankrijk staan legereenheden. Met de gebeurtenissen van deEerste Wereldoorlog redelijk vers in het geheugen, neigde men aan Waalse kant om, bij een Franse inval, het vuur niet te openen op Franse troepen. Na deDuitse inval in Polen, verminderde men het aantal manschappen tegenover Frankrijk tot driedivisies.

Tijdens de heleschemeroorlog ging België verder met het versterken en uitbouwen van verdedigingslinies met daarin betonnenbunkers,anti-tankgrachten,Cointet-elementen enprikkeldraadversperringen om voorbereid te zijn op de tactieken die deWehrmacht gebruikte in Polen.

Bericht Algemeene Mobilisatie, Nederland, 29 augustus 1939. Vordering van paarden en motorrijtuigen.
Bioscoopjournaal uit augustus 1939. De aankondiging van de voormobilisatie en aan de oproep gehoor gevendemilitairen op verschillende plaatsen in Nederland, waaronderDen Haag.

Nederland 1870

[bewerken |brontekst bewerken]

Op 20 juli 1870, een dag nadatFrankrijk de oorlog aan Pruisen verklaarde, besloot Nederland tot de mobilisatie van een gedeelte van het leger. Er lag geen plan voor de organisatie van het leger in geval van oorlog. Op de dag zelf bepaaldeKoning Willem III dat er een mobiel leger zou worden gevormd, dat later de naam veldleger kreeg. Deprins van Oranje kreeg hetopperbevel,Hendrik, de broer van de koning, werd commandant van de marine. Het veldleger zou bestaan uit delen vaninfanterie,cavalerie,artillerie engenie die onder bevel van hun commandanten bleven. Er moest veel worden geïmproviseerd, maar op 23 juli was het veldleger geformeerd. Door gebrek aan paarden was het echter grotendeels immobiel. Voor artillerie en cavalerie moesten meer dan duizend paarden worden aangekocht. Pas eind september was de artillerie volledig uitgerust, maar toen was het leger al weer gedemobiliseerd. Op grond van het verloop van de oorlog besloot Nederland op 14 september 1870 tot demobilisatie. De erbarmelijke toestand van leger en vestingwerken na jarenlange bezuiniging was nu wel duidelijk gebleken. De kritiek richtte zich op minister van Oorlog Van Mulken, die in oktober zijn ontslagaanvraag indiende. In december 1870 trad het hele kabinet af.[1]

Nederland 1914-1918

[bewerken |brontekst bewerken]

Aan de vooravond van deEerste Wereldoorlog lagen de mobilisatieplannen klaar. Dat was te danken aan de chef van deGenerale Stafluitenant-generaalC.J. Snijders, die op 31 juli 1914 werd benoemd totopperbevelhebber van de Nederlandse Land- en Zeemacht. Diezelfde dag werden 200.000 Nederlandse mannen opgeroepen voor militaire dienst. Een dag eerder waren de kust- en grensbewakingstroepen al opgeroepen. De belangrijkste verdedigingslinie was deNieuwe Hollandse Waterlinie en daarvoor, aan de oostelijke en zuidelijke grens van het land, lag het veldleger. Het water van de Waterlinie werd op voorbereidingspeil gebracht, nog niet alles werd echt onder water gezet. Sloten werden tot de rand gevuld en polders waren drassig. Deforten van de Waterlinie waren niet geschikt voor permanent verblijf en langs de grenzen was ook weinig gelegenheid om zoveel soldaten te huisvesten. Daarom werden velen aanvankelijk in kleine groepjesingekwartierd bij burgers en vervolgens geleidelijk ondergebracht in stallen, fabrieken, scholen, gymzalen, etc. Pas toen bleek dat de mobilisatie nog wel even zou duren werden er op veel plaatsen houtenbarakken gebouwd.

Veel soldaten warenkostwinner, maar de kostwinnersvergoeding was zo laag dat hun gezin er niet van kon rondkomen. In veel plaatsen werden Steuncomités opgericht, die geld en levensmiddelen verzamelden voor de getroffen gezinnen.

Een groot aantal gemobiliseerden werd aanvankelijk onder erbarmelijke omstandigheden ondergebracht. Velen werden hierdoor ziek en enkele honderden stierven aan de gevolgen hiervan. Bij de overheid was hiervoor weinig begrip. Invaliden werden min of meer aan hun lot overgelaten. Het duurde tot 1948 alvorens er een regeling kwam en ook deze regeling was voor velen onvoldoende.

Een groot probleem was de verveling onder de soldaten. Een Centrale Commissie voor Ontwikkeling en Ontspanning kreeg de opdracht de verveling te bestrijden. Het aanbieden van cursussen en opvoedende lectuur hielp niet erg, zodat er ook cabaretiers werden aangetrokken alsJean-Louis Pisuisse,Koos Speenhoff,Louis Davids,Dirk Witte,James Cohen van Elburg enClinge Doorenbos.Op 11 november 1918 tekende Duitsland dewapenstilstand. Op 12 november werd bekend dat 122.000 van de 237.000 gemobiliseerden naar huis mochten. De anderen, met uitzondering van de grensbewaking, gingen terug naar devredesgarnizoenen.

Nederland 1939-1940

[bewerken |brontekst bewerken]

In perioden van internationale spanning oefendekoningin Wilhelmina geregeld druk uit op de regering om maatregelen te nemen. Tijdens deSudetencrisis in september 1938 drong ze zonder succes aan op voormobilisatie, na de bezetting vanPraag (15 maart 1939) ijverde ze tevergeefs voor een proefmobilisatie. Nadat begin april 1939Albanië was bezet doorItalië besloot de Nederlandse regering op 10 april alleen degrensbataljons en de vliegveldbewaking op te roepen. De ondertekening van een niet-aanvalsverdrag doorDuitsland enRusland op 24 augustus leidde dan toch eindelijk tot voormobilisatie: het oproepen van het deel van de krijgsmacht dat nodig was om tot algehele mobilisatie over te gaan. Die volgde op 28 augustus en binnen enkele dagen waren 280.000 soldaten op hun post. Het leger had verder nodig 30.000 paarden, 12.000 vrachtauto’s en 1600 personenauto’s en die werdengevorderd bij de burgers. De Waterlinie werd op voorbereidingspeil gebracht en deGrebbelinie werd verbeterd. Zo nu en dan werden er ook oefeningen gehouden, maar meestal hadden de soldaten niets nuttigs te doen.

Om de verveling bij de soldaten te verdrijven was er een aparte legerafdeling Ontwikkeling en Ontspanning in het leven geroepen. Men organiseerde o.a. spelavonden, sportwedstrijden en concerten. Artiesten hadden het moeilijk gehad tijdens de crisisjaren en de mobilisatieperiode vormde voor hen een nieuwe bron van inspiratie. Veel muzikanten kregen de mogelijkheid om weer op te treden, deze keer in legerplaatsen door het hele land.Lou Bandy had veel succes met liedjes als ‘Ratsch, kuch en bonen’ en ‘Wie heeft er suiker in de erwtensoep gedaan’. Van oktober 1939 t/m mei 1940 werdDe Wacht - Weekblad voor de gemobiliseerde weermacht uitgegeven. Op 10 mei 1940 werd de illusie van Nederlandse neutraliteit ruw verstoord. De mobilisatie had voor de grensbataljons en de vliegveldbewaking dertien maanden geduurd, voor de overige soldaten ruim acht maanden.

Nederland Koude Oorlog

[bewerken |brontekst bewerken]

Tijdens deKoude Oorlog bestond de Nederlandse krijgsmacht uit een beroepskader, paratedienstplichtigen en een grote groep mobilisabelereservisten. Voor de belangrijksteNAVO-partners telden alleen parate eenheden en de mobilisabele eenheden kwamen niet in aanmerking voor Amerikaanse wapenleveranties. De geoefendheid van de reservisten liet te wensen over en zij moesten het tot begin jaren 1980 doen met verouderd materieel. De NAVO ging er aanvankelijk vanuit dat hetWarschaupact in staat was na een zeer korte voorbereiding aan te vallen. Het was maar de vraag of de mobilisabele troepen hun posities op tijd zouden bereiken.

Om de reactietijd te verkorten werden er vanaf 1970 jaarlijks mobilisatie-opkomstoefeningen gehouden onder de naam Donderslag. Deze duurden drie dagen: een opkomstdag, een opfrisdag (lessen, stormbaan, schieten, tactische oefeningen etc.) en een afwikkeldag waarop al het materiaal weer werd ingeleverd. Bij alle Donderslagen werkten de reservisten binnen de gestelde tijd het programma af.

De NAVO had de mogelijkheid tot snel inzetten vankernwapens en het primaire doel was dan ookafschrikking. Daarbij speelden mobilisabele eenheden een bescheiden rol. Alleen achter defrontlinie hadden ze hun belang op het gebied vanlogistiek enbeveiliging van de communicatielijnen.

Na de afschaffing van de opkomstplicht in 1996 blevenafgezwaaide dienstplichtigen aanvankelijk nog als reservist geregistreerd, maar in 2002 werd de mobilisabele component definitief opgeheven.

Zie ook

[bewerken |brontekst bewerken]

Externe links

[bewerken |brontekst bewerken]
Mediabestanden
Zie de categorieMobilisatie vanWikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.
  • Nederland 1914-1918 Brancard op wielen
    Nederland 1914-1918 Brancard op wielen
  • Nederland 1914-1918 Gevechtsoefening bij Leiden
    Nederland 1914-1918 Gevechtsoefening bij Leiden
  • Nederland 1939-1940 Buitengewone oproeping
    Nederland 1939-1940 Buitengewone oproeping
  • Nederland 1939-1940 Soldaten op wacht in de Waterlinie
    Nederland 1939-1940 Soldaten op wacht in de Waterlinie
  • Nederland 1939-1940 Militaire maatregelen in mei 1940
    Nederland 1939-1940 Militaire maatregelen in mei 1940
  • Gemobiliseerde Russische militairen vertrekken vanuit Moskou naar het front tijdens de Tweede Wereldoorlog
    Gemobiliseerde Russische militairen vertrekken vanuit Moskou naar het front tijdens deTweede Wereldoorlog
Bronnen
  • Paul Moeyes, Buiten schot, Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog 1914-1918 (Amsterdam-Antwerpen 2001)
  • Rob Kammelar, Jacques Sicking en Menno Wielinga, De Eerste Wereldoorlog door Nederlandse ogen Getuigenissen - verhalen – betogen (Amsterdam 2007)
  • Dr.L. de Jong, Het koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, deel 2 Neutraal (’s Gravenhage 1969)
  • Prof. dr. J. Hoffenaar, Reservisten in de Koude Oorlog (Militaire Spectator, januari 2007, pp. 31-38)
Referenties en noten
Overgenomen van "https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Mobilisatie&oldid=69075365"
Categorieën:

[8]ページ先頭

©2009-2025 Movatter.jp