Maurice Auguste Chevalier (Parijs,12 september1888 – aldaar,1 januari1972) was eenFrans zanger en acteur.Chevalier trad op in cafés en in de revues van deFolies-Bergère en later inLonden. Hij werd gelanceerd door zijn geliefdeMistinguett. Chevalier werd onder andere bekend door zijnstrohoed ensmoking. Beroemde liedjes van hem zijnLa Madelon de la Victoire (1918),Valentine (1925) enQuand un Vicomte (?).
Tijdens deEerste Wereldoorlog was hij soldaat in het Franse leger in de frontlinie en werd hij getroffen door granaatscherven in de rug. Van 1914 tot 1916 werd hij door de Duitsers alskrijgsgevangene vastgehouden in het kampDörnitz Altengrabow. In 1916 werd hij vrijgelaten dankzij de tussenkomst van koningAlfonso XIII van Spanje.[bron?]
Tijdens de Tweede Wereldoorlog koos hij ervoor te blijven optreden in het door de Duitsers bezette Frankrijk en onder het door het Vichy-regime vallende deel van Frankrijk. Andere artiesten staakten als blijk van verzet hun voorstellingen en namen de wijk naar andere landen die niet onder het naziregime vielen. Onder hen viel ookJosephine Baker. Tijdens haar activiteiten voor het Franse verzet was zij door ziekte getroffen en opgenomen in een kliniek inCasablanca. Toen zij vernam dat Chevalier in hetzelfde ziekenhuis was, ontstak zij in woede. Chevalier deed tegenover de pers alsof hij haar had bezocht en merkte op: 'Arm kind, Ze overlijdt zonder één stuiver', wat door de pers werd opgevat dat zij was overleden en wereldwijd werd verspreid. Zijn rol in de oorlog is omstreden, en toen de oorlog voorbij was, werd hem in 1945 de toegang tot Engeland geweigerd.[1]
Chevalier heeft zijn memoires geschreven. Ze zijn in 1950 in vier delen uitgegeven onder de titelMa route et mes chansons.
In september 1968 stopte hij officieel met acteren en zangoptredens. Desondanks nam hij in 1970 de titelsong op van de DisneyfilmThe Aristocats, naar eigen zeggen "uit respect voor het werk vanWalt Disney".[bron?]