Lesbianisme of vrouwelijkehomoseksualiteit is de seksuele en/of emotionele voorkeur vanvrouwen voor andere vrouwen. Iemand die lesbisch is wordt ook wel een lesbienne genoemd.
In het kader van de algemenehomo-emancipatie en hetfeminisme, en soms als voortrekkers daarvan, hebben lesbische vrouwen sinds het begin van de 20e eeuw juridische gelijkheid en een beperkt scala aan eigen voorzieningen weten te verwerven.
De term lesbisch is afgeleid van de naam van het Griekse eilandLesbos, waar de dichteresSappho leefde, die over de vrouwenliefde dichtte.[1] Soms spreekt men daarom ook wel vansaffische liefde.
Voor lesbische vrouwen bestaan de volgende synoniemen:
De L voor lesbisch komt voor in de Engelse afkortingLgbt, de Nederlandse Lhbt en het Vlaamseholebi. In de loop van de 21ste eeuw werd de lgbt afkorting soms uitgebreid tot lgbtqia+.
Volgens een onderzoek van het NederlandseSociaal en Cultureel Planbureau uit 2012 voelt naar schatting 1,4% van de vrouwen van 16 jaar en ouder zich seksueel uitsluitend aangetrokken tot de eigen sekse. Nog eens 16% van de vrouwen is enigszins of evenveel op de eigen sekse gericht en kan alsbiseksueel getypeerd worden.[4]
Onderzoek door deUniversiteit van Indiana uit 2014 onder 2850 personen wees uit dat lesbische vrouwen tijdens seks met hun partner vaker een orgasme bereiken dan heteroseksuele vrouwen: 74,7 procent tegen 61,6 procent.[5]
Volgens onderzoek van hetCentraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waren er in 2023 ongeveer 106.000 lesbische vrouwen in Nederland (tegenover 272.000 homomannen). Dit was 0,7% van de bevolking van 15 jaar en ouder.[6] Dit getal betreft alleen vrouwen die tijdens het onderzoek aangaven zich "alleen tot vrouwen" aangetrokken te voelen. Vrouwen die zich "vooral tot vrouwen" aangetrokken voelen werden door het CBS aangemerkt als bi-plus vrouw.[7]
Homofobie gericht tegen vrouwen wordt ook wel lesbofobie genoemd. Dit uit zich onder andere in vooroordelen en stereotypen. Deze vooroordelen en stereotypen zien we bijvoorbeeld in de media terug.[8] Ook in het dagelijks leven kan lesbofobie zich uiten in discriminatie.[9] Doordat ook lesbiennes dagelijks in contact (kunnen) komen stereotypen en discriminatie, kan dit als effect hebben dat zij deze fobie internaliseren en last krijgen van geïnternaliseerde lesbofobie.[10][11] Lesbofobie kan in extreme gevallen ook overgaan in (seksueel) geweld, dit zien we bijvoorbeeld bijhomofobe verkrachting. In sommige gevallen kan dit leiden tot de dood, zoals ook bijEudy Simelane het geval was.[12]
De term lesbofobie ontstond om lesbiennes en de vijandigheid tegen hen zichtbaarder te maken. Voorts heeft lesbofobie enkele specifieke kenmerken en oorzaken. Vaak gaat het bijvoorbeeld gepaard metseksisme enmachismo. Psycholoog dr. Lauren Costine ziet in lesbofobie een combinatie van homofobie enpatriarchaat. Een bekend stereotype over lesbiennes is dat zij snel zouden gaan samenwonen. Costine verklaart dit stereotype vanuit een patriarchale gedachte dat voor vrouwen een relatie een belangrijk levensdoel zou zijn. Ook hierin ziet zij homofobie en patriarchaat samenkomen.[13][14]
Homoseksualiteit onder vrouwen was heel lang verborgen en stilzwijgend. Lesbische vrouwen waren maatschappelijk doorgaans onzichtbaar, onder meer doordat seksuele contacten tussen vrouwen als minder problematisch werden gezien dan bij mannen onderling. De tijdens de middeleeuwen strafbaar geworden zonde van desodomie had namelijk vooral betrekking op anale penetratie. Vrouwen die actief seksuele contacten met andere vrouwen hadden, werden in de Lage Landen van oudsher "Lollepotten" genoemd. Een anoniem minnedicht van 1667, getiteld "Den minnelijcken roosen-knop", laat niets aan de verbeelding over wat een "lollepot" deed bij jonge vrouwen.[15]
Seksuele handelingen tussen vrouwen kregen daarom nauwelijks aandacht van theologen en juristen. Zo kwam in de EngelseBuggery Act uit 1533 vrouwelijke sodomie niet voor en hoewel de bepaling over sodomie in het strafwetboek vankeizer Karel V uit 1532, deConcessio Criminalis Carolina, wel op vrouwen van toepassing was, zijn er in Europa nauwelijks strafprocessen wegens homoseksuele handelingen tussen vrouwen bekend.[16] Een van de eerst bekende ter dood gebrachte lesbische vrouwen was de uitNeurenberg afkomstigeKatherina Hetzeldorfer.[17]
Een uitzondering daarop vormde het gebied wat later deZuidelijke Nederlanden werden, waar tussen 1400 en 1550 het relatief hoge aantal van 1 op de 10[18] van sodomie beschuldigden vrouw was. Een mogelijke reden hiervoor is dat in deze periode, vrouwen in dit gebied vaker economisch zelfstandig en maatschappelijk actief waren en zich daardoor makkelijker seksuele omgang met andere vrouwen konden veroorloven, maar tegelijk een grotere kans hadden om betrapt te worden.[16]
In de Zuidelijke Nederlanden werden wegens sodomie veroordeelde vrouwen net als mannelijke sodomieten middels debrandstapel ter dood gebracht - een zwaardere straf dan elders in Europa gangbaar was, waar zulke vrouwen doorgaans op een "vrouwelijke" wijze terechtgesteld werden door ze te verdrinken of levend te begraven.[16] In de loop van de 17e eeuw liep zowel in de Noordelijke als de Zuidelijke Nederlanden de vervolging van sodomieten sterk terug, waarbij die van vrouwen geheel verdween.[19]
Door deze terughoudendheid van de overheid ontstonden in de 18e eeuw voor homoseksuele mannen al enkelecafés en netwerken, maar voor vrouwen, destijds ook wel tribades genoemd, zijn hier zo goed als geen sporen van. Wel konden welgestelde dames alsBetje Wolff enAagje Deken samenwonen en in romantische geschriften hunplatonische liefde uiten. Tezelfdertijd waren er inParijs hardnekkige roddels over een "sekte van Anandrynes" bestaande uit vrouwen die seks met elkaar hadden en mannen haatten en waarvan zelfs koninginMarie Antoinette lid van zou zijn geweest.[20]
Als gevolg van deVerlichting werd de strafbaarheid van homoseksuele handelingen na deFranse Revolutie afgeschaft en dit werd bevestigd in het nieuwe Franse wetboek van strafrecht, deCode Pénal van 1810. Deze Franse wetgeving werd vervolgens overgenomen in landen als Nederland, België, Luxemburg, Beieren, Italië, Spanje en Portugal. InPruisen en Engeland, bleef de strafbaarheid bestaan, al werd wel de doodstraf vervangen door een gevangenisstraf.[21] Ook na de afschaffing van de doodstraf konden homoseksuele handelingen nog wel bestraft worden wegens "schennis van de openbare eerbaarheid", maar in de eerste helft van de 19e eeuw trof dit vooral prostituees en geen lesbische vrouwen.[22][23]
Vóór het begin van de twintigste eeuw bestonden lesbiennes nog niet als voor de buitenwereld herkenbare sociale categorie. Het warenseksuologen alsHavelock Ellis enRichard von Krafft-Ebing die rond 1900homoseksualiteit onder vrouwen typeerden als een 'omkering' van gendereigenschappen (seksuele inversie). Eerder, in de jaren veertig van de 19e eeuw werden in progressieve kringen in Berlijn overigens reeds vrouwen gesignaleerd die graag in mannenkleding uitgingen (travestie), onder wie ookMarie Dähnhardt (1818-1902), de (ex-)echtgenote van de links-Hegeliaanse filosoofMax Stirner; een notie daarbij van al dan niet vermeende homoseksualiteit leek destijds echter te ontbreken.
Deze wetenschappers beschreven lesbiennes als vrouwen met mannelijke trekken, die relaties aangaan met feminiene vrouwen, wat bekend kwam te staan als eenbutch en femme-relatie. In de jaren twintig wordt dit ook in het publieke leven zichtbaar en duiken deze types bijvoorbeeld steeds regelmatiger in de literatuur op, zij het meestal in negatieve zin (bijvoorbeeld inThe Fox uit 1920 vanD.H. Lawrence). Veel explicieter – en positiever - is het boekThe Well of Loneliness uit 1928 vanRadclyffe Hall (1880-1943) waarin de heldin Stephen Gordon (en de schrijfster overigens zelf ook) internationaal hétrolmodel voor lesbische vrouwen werd die zichzelf als butch identificeerden.
In 1925 richtteEva Kotchever "Eve's Hangout" op inGreenwich Village, New York.[24]
In deze periode goldBerlijn als het centrum bij uitstek voor lesbische vrouwen. Er waren voor hen clubs, bars en cafés in een aantal dat nadien niet meer overtroffen werd. Daarnaast waren er meerdere op lesbiennes gerichte tijdschriften, zoalsDie Freundin, dat van 1924-1933 verscheen, en kwam in 1931 de eerste film met openlijk lesbische personages uit:Mädchen in Uniform.[25]
Ook inParijs waren er lesbische uitgaansgelegenheden, metLe Monocle als mogelijk de eerste, maar zeker een van de bekendste lesbische nachtclubs. De zaak, waar alle vrouwen waren gekleed als mannen, werd in de jaren 20 geopend door Lulu de Montparnasse en moest sluiten als gevolg van de Duitse bezetting in 1940.[26]
Een van de weinige plekken waar lesbische vrouwen toentertijd in Nederland terechtkonden was het gemengdecafé 't Mandje vanBet van Beeren aan de Zeedijk inAmsterdam.
Tijdens de eerste decennia na deTweede Wereldoorlog bleef lesbische seksualiteit naar de buitenwereld nog nagenoeg onzichtbaar,[27] maar werd onderling het onderscheid tussen butch en femme belangrijker en strikter dan daarvoor en het had bovendien verdergaande consequenties. Nu homoseksualiteit onder vrouwen 'officieel' bestond en vooral het butchtype voor zichtbaarheid van de lesbische levensstijl had gezorgd, werd de butch/femme relatie min of meer de norm.
Ongeschreven regels bepaalden dat butch/butch- en femme/femme-relaties taboe waren. Een butch kon alleen maar een verhouding beginnen met een (seksueel passief geachte) femme en femmes hoorden verwoed naar de gunsten van een butch te dingen. In die zin was een butch/femme-rolverdeling ontstaan naar analogie van de man/vrouw-verhouding. Men ging er dan ook impliciet vrijwel steevast van uit dat elke lesbienne in een van beide categorieën kon worden ingedeeld, zowel in homoseksuele als heteroseksuele kringen.[28]
Het lesbische uitgaansleven bleef in deze tijd beperkt tot een klein aantal locaties in de steden Den Haag, Amsterdam en Rotterdam. In Amsterdam konden lesbische vrouwen sinds de jaren vijftig terecht bij sociëteitDe Schakel van hetCOC. Hoewel ze bij die vereniging met ca. 500 leden slechts 15% van het ledental uitmaakten, kregen ze met de vrouwenlanddagen die van 1961 t/m 1965 telkens ongeveer 200 vrouwen uit het hele land trokken, een eerste gelegenheid om ook eens in de meerderheid te zijn.[29] Vrouwen die het zich konden veroorloven gingen naar steden als Brussel, Parijs of Londen, waar meer specifiek lesbische zaken waren.[30]
In België was het de lesbische activisteSuzan Daniel die in 1953 de eerste homo/lesbische emancipatie-organisatie oprichtte: het Centre Culturel Belge/Cultuurcentrum België (CCB). Er ontstonden echter al snel conflicten met de leden, die veelal Franstalige mannen waren, waarna Daniel de organisatie al in oktober 1954 weer verliet. De mannen begonnen vervolgens op 23 november 1954 hetCentre de Cultur et de Loisirs/Cultuur- en Ontspanningscentrum (CCL-COC).[31]
De waardering van butch- en femmetypes en de butch/femme-relatie veranderde radicaal in de jaren zeventig onder invloed van de tweedefeministische golf. Het idee dat een vrouw een 'mannelijke' identiteit kon hebben werd fel bekritiseerd, evenals de verhouding tussen de butch en femme die in essentie evenpatriarchaal en onderdrukkend was als het heteroseksuele equivalent.
Ook speelde een belangrijke rol dat de imitatie van man/vrouw-relaties impliceerde dat heteroseksualiteit de norm was en dus beter dan homoseksuele relaties, die niet meer dan een slap aftreksel van een 'echte' relatie konden zijn. De ouderolmodellen raakten dus uit de gratie en daarvoor kwam het ideaal vanandrogynie in de plaats. Een klassiek geworden lesbische roman die deze verandering in perceptie en (zelf)definiëring goed illustreert isRubyfruit Jungle uit 1973 vanRita Mae Brown.
De kritiek kwam vanaf begin jaren zeventig tot uiting via radicale lesbische groeperingen, zoalsPaarse September met haar slogan "lesbisch zijn is een politieke keuze" die doorLesbian Nation (een actiegroep, genoemd naar het boekLesbian Nation) in praktijk gebracht werd. In 1977 was het Lesbian Nation die onder de naam 'Internationale Lesbische Alliantie' in Amsterdam de eerste NederlandseGay Pride organiseerde, gericht tegen de antihomo-campagne van de AmerikaanseAnita Bryant.[32] Naast deze zelfstandige initiatieven wisten lesbische vrouwen binnen het COC ook meer aandacht voor hun positie te verwerven.
Ook zwarte lesbische vrouwen begonnen zich te organiseren. Naar aanleiding van de kritiek die Caraïbisch-Amerikaanse schrijfsterAudre Lorde op het witte feminisme had, richttenTania Leon,Gloria Wekker,Joice Spies enTieneke Sumter in 1984 de actiegroepSister Outsider op, vernoemd naar de gelijknamige bundel van Audre Lorde.[33] Sister Outsider organiseerde lezingen, feesten en literaire avonden, maar werd in 1987 al weer opgeheven.
In deze periode werd in Amsterdam ook het eerste exclusieve vrouwencafé geopend: Tabu in de Leidsekruisstraat (1969-1979), dat nog een besloten karakter had. Dit werd gevolgd door cafés opgezet vanuit activistische hoek, zoals het nog steeds bestaandeSaarein. Daarnaast kwamen er enkele disco's die speciaal op lesbische vrouwen gericht waren: Homolulu in de Kerkstraat (1975-1997), Labyrinth in de Koggestraat (1987-1989) en YouII aan de Amstel (1999-2007).[34] Vanaf de jaren tachtig kwamen er bovendien grote feestavonden op commerciële basis, zoals de "Lesbian Party" in deiT en later in Amsterdam Marcanti, waar eind jaren negentig zo'n 2500 vrouwelijke bezoekers op af kwamen.[35]
Voor vrouwen met eenleerfetisj werd in 1989 bij het COC voor hen de werkgroep Wildside opgezet, die enkele feesten en een groot festival inDe Melkweg organiseerde. Na 1996 verdwenen deze activiteiten weer en zijn er voor lesbische leerliefhebbers alleen nog kleinschalige ontmoetingen.[36]
Vanuit de feministische vrouwenbeweging kwamen er lesbische tijdschriften zoalsDiva (1982) enLust en Gratie (1983), werden erotische vrouwenfeesten georganiseerd[37] en specialevrouwenboekhandels geopend: in 1975 De Heksenkelder (later Savannah Bay) bij café De Heksenketel in Utrecht (Oudegracht 261) en in 1977 De Feeks in Nijmegen. Om het lesbische erfgoed te behouden en documenteren, werden in 1982 het Lesbisch Archief Amsterdam en het Lesbisch Archief Leeuwarden opgericht, het laatste kreeg in 1987 een onderkomen in hetAnna Blaman Huis. In 1999 fuseerden beide archieven samen met het Homodok tot hetIHLIA.
Ook in Vlaanderen kwamen er in de loop van de jaren zeventig lesbische vrouwengroepen:Sappho, Liever Heks en Çatal Hüyük in Gent enAtthis in Antwerpen en in 1978 organiseerde de links-feministische groep deRooie Vlinder in Gent de eerstehomodag.[38] Omdat lesbische vrouwen vonden dat ze in de door mannen gedomineerdeholebibeweging te weinig ruimte kregen, organiseerden ze sinds medio jaren tachtig elk jaar een eigenLesbiennedag.
Het succes van dehomobeweging, dieemancipatie enintegratie van homoseksuelen bepleitte, heeft ook invloed gehad op de wijze waarop tegenwoordig tegen butch- en femmestereotypen wordt aangekeken. Lesbische vrouwen hoeven zich niet meer door uiterlijk en kledingstijl te profileren, zoals de oudere generatie middels de spreekwoordelijke tuinbroeken en korte kapsels deed. Met name jonge lesbo's, ook wellipstick lesbians genoemd, dragen nu lang haar, make-up en net zulke modieuze kleding als hun heteroseksuele leeftijdsgenoten. Desondanks is er ook bij hen de behoefte om onder elkaar te zijn, veel minder dan vroeger in cafés, maar meer op feestavonden, of in eenlhbt-studentenvereniging.[39]
De populariteit van de opvatting dat lesbiennes 'normale' vrouwen zijn, die zich behalve in hun seksuele voorkeur in niets van heteroseksuele vrouwen onderscheiden, leidt vooral tot afwijzing van de butch, die het meest van het gangbare vrouwelijk ideaalbeeld afwijkt. Tekenend hiervoor is de afwezigheid van de butch in de televisieserieThe L Word over een Amerikaanse groep lesbische vriendinnen.
Blijkens onderzoek uit 2013 is in Nederland de sociale acceptatie van lesbische vrouwen erg hoog: 96% van de bevolking staat positief tegenover homoseksualiteit. 19% van de bevolking neemt aanstoot aan twee in het openbaar zoenende vrouwen. De acceptatie van lesbische vrouwen is daarmee hoger dan de acceptatie van homoseksuele mannen: het percentage van de bevolking dat aanstoot neemt aan twee zoenende mannen is 29% (ter vergelijking: 14% vindt een zoenende man en vrouw aanstootgevend).[40]
Sinds het begin van de 20e eeuw zijn specifieke voorzieningen voor lesbische vrouwen ontstaan, waaronder uitgaansgelegenheden en evenementen, hulpverlenings- en belangenorganisaties en gespecialiseerde media. Het aanbod voor lesbische vrouwen is altijd aanmerkelijk kleiner gebleven dan dat voor homoseksuele mannen en tegenwoordig zijn veel voorzieningen bedoeld voor lhbt'ers gezamenlijk.
In Nederland zijn er geen grote landelijke evenementen die specifiek op lesbische vrouwen gericht zijn, maar in Vlaanderen is er deL-day, die jaarlijks in de herfst plaatsvindt, aanvankelijk in Gent, maar sinds 2015 in telkens een andere Vlaamse stad. Rond dezelfde tijd is er de L-week, georganiseerd doorHet Roze Huis in Antwerpen.
Op 26 april is de Lesbian Visibility Day, die in deVerenigde Staten sinds 2008 gehouden wordt om de positie van lesbische vrouwen te erkennen en zichtbaar te maken. De activiteiten zijn daar inmiddels uitgegroeid tot een Lesbian Visibility Week.[41] Anno 2021 was deze dag in Nederland nog niet heel bekend.[42]
Waar er in grote steden voor homomannen meerdere of zelfs vele bars en clubs zijn, is er voor lesbische vrouwen vaak maar één uitgaansgelegenheid. Zo is bijvoorbeeld in een aantal grote Amerikaanse steden maar één lesbische bar en teldeNew York er in 2008 drie, met een hoogtepunt rond het jaar 2000, toen er vijf bars speciaal voor vrouwen waren.[43]
De enige nog bestaande lesbische bar in 'homohoofdstad'San Francisco, de Lexington Club, sloot eind 2014, nadat in de voorgaande jaren ook al bekende lesbische cafés in Philadelphia, Chicago en Portland dicht waren gegaan. Als reden voor dit geringe aantal uitgaansgelegenheden wordt wel genoemd dat lesbische vrouwen minder drinken dan mannen, sneller het uitgaan ontgroeien en zich minder prettig voelen in dergelijke cafés.[43]
Ook in Nederland is het aantal uitgaansgelegenheden voor lesbische vrouwen uiterst gering: alleen in Amsterdam zijn er twee speciaal op hen gerichte cafés. Naast het uit 1978 stammendeSaarein was er lange tijd caféVivelavie, dat in 2017 gesloten werd, maar waar in 2019Bar Buka voor in de plaats kwam.[44] Daarnaast zijn er nog meer of minder frequent plaatsvindende feestavonden voor vrouwen die op vrouwen vallen, zoals Rumour Has It, dat sinds 2011 in wisselende Amsterdamse clubs gehouden wordt.[39] Een ander vrouwenfeest is Flirtation dat tweemaandelijks in discotheekPanama plaatsvindt.
In Nederland zijn er onder meer de volgende lesbische media:
Voorbeelden van bekende lesbische media elders in de wereld zijn: