Dekeizerarend (Aquila heliaca) is eenvogel uit de familie vanarendachtigen (Accipitridae). Sinds de afsplitsing van de in Spanje broedendeSpaanse keizerarend wordt deze arend ook wel de oostelijke keizerarend genoemd.
Kop van een onvolwassen keizerarendSiesel, voornaamste prooi van de keizerarend
Het is een grote arend, 70 tot 83 cm lang met eenspanwijdte van 175 tot 205 cm. Een volwassen keizerarend is donkerbruin met een lichte, geelbruine kop en hals. Kenmerkend is een witte vlek op de schouder (maar niet op de vleugel zoals bij de Spaanse keizerarend). De staart is gebandeerd en heeft een brede donkere eindband. Een keizerarend is pas volwassen na vijf jaar. In de verschillende "jeugdkleden" lijkt deze arend op vergelijkbare stadia van desteenarend. Gemiddeld heeft de keizerarend een kortere staart.[2]
Het leefgebied bestaat uit open agrarisch landschap met boomgroepen afgewisseld door steppegebieden in laagland. Door vervolging is deze arend in het oosten van zijnverspreidingsgebied teruggedrongen tot berggebieden tot op 1000 m boven de zeespiegel metmontaan bos.[1]
De keizerarend is in 1970 afgevoerd van de lijst van in Nederland voorkomende soorten en tussen 1970 en 1997 zijn er geen aanvaarde waarnemingen gemeld.[3] In 2005 kon de keizerarend toch weer worden toegevoegd aan de lijst van zeer zeldzame dwaalgasten.[4] In oktober 2017 werd hij weer gesignaleerd op Nederlands grondgebied: een exemplaar werd eerst gespot inNoord-Brabant en later vloog het rond boven deKop van Overijssel.[5] Tijdens zeer warm weer in juni 2023 werd in Nederland een keizerarend gespot.[6]
Op 12 april 2020 werd de keizerarend gezien boven Oost- en West-Vlaanderen, met name Heule en ook Langemark. Het ging hem om een dier van ongeveer vijf jaar. Men kon echter niet determineren of het om een oostelijke of een Spaanse keizerarend ging.[7]
De grootte van de populatie wordt geschat op 2.500 tot 10.000 broedparen, waarvan 1800 tot 2200 in Europa. De keizerarend gaat in aantal achteruit door veranderingen in het leefgebied. Rationeel bosbeheer in berggebieden leidt tot het verdwijnen van grote, oude bomen. Hetzelfde gebeurt in het laagland als de landbouw intensiever wordt bedreven, waardoor ook het bestand aan prooidieren, zoals desiesel afneemt. Daarnaast sterven vogels door botsingen met elektriciteitsdraden en bestaat er illegale jacht en handel in deze grote roofvogels. Om deze redenen staat de keizerarend als kwetsbaar op deRode Lijst van de IUCN.[1]