De herder van Hermas is een christelijk geschrift uit de eerste helft van de tweede eeuw na Christus. Het boek is niet in deBijbel opgenomen, maar wordt tot deApostolische Vaders gerekend.
Tot deOxyrhynchus papyri behoren tien fragmenten met fragmenten van kopieën van het boek van tussen 200 en 300 na Christus; twee daarvan waren deel van een boekrol; deze fragmenten geven de tekst van H 1-9. In deCodex Sinaiticus vindt men 1:1 tot 31:6. Op een papyrus uit de tweede helft van de derde eeuw dat zich te Michigan bevindt, staat de Griekse tekst van de hoofdstukken 51,8 – 82,1.’ OpAthos wordt in het klooster een handschrift bewaard uit de 15e eeuw dat hoofdstuk 1:1 – 107:2 bevat. Van de hoofdstukken 107:3 tot 114:5 is geen Griekse tekst beschikbaar. Voor dit gedeelte doet men een beroep opLatijnse,Ethiopische enKoptische versies.
In deCanon Muratori vinden we de vermelding dat het werk teRome in het Grieks geschreven is door Hermas, toen diens broederPiusbisschop van Rome was; dat was rond 150 na Christus. De Clemens die in 8:4 genoemd worden zal dan een ander zijn dan de ons bekendebisschop aan het eind van de eerste eeuw. DeCanon Muratori kent het boek, vindt het nuttig, maar slechts beperkt bruikbaar voor de eredienst.Tertullianus enEusebius van Caesarea vonden het boek onecht;Athanasius van Alexandrië stond lezing ervan toe, maar beschouwde het niet als behorende tot de canon.[1]
De gemeente gaat van tijd tot tijd door vervolgingen heen. Deze worden gezien als mogelijkheid om boete te doen. De schrijver mag de gemeente vertellen dat ze, als ze faalt, nog één keer een nieuwe kans krijgt. Voor dit doel maakt hij gebruik van visioenen, geboden en gelijkenissen. Het werk bevat eenchristologie waarin de samenwerking tussen Jezus en de Geest wordt beschreven op een wijze die een paar honderd jaar later niet meer alsorthodox zou worden beschouwd. Volgens nieuwtestamenticusBart D. Ehrman kan De herder van Hermas worden gerekend tot deapocalyptiek.[2]:5:16
Het boek bestaat uit: