Te Genthin kruisen deBundesstraße 1 (in west<->oost richting) en deBundesstraße 107 (in noord<->zuid richting) elkaar. Ongeveer 20 km ten zuiden van Genthin, aan de B107, ligtZiesar. Bij deze plaats kruist deAutobahn A2 op afrit 76 de B107. De afstand hiervandaan, viaDretzel, tot Genthin-stad is ruim 20 kilometer.
Aan despoorlijn Berlijn-Maagdenburg heeft Genthin sedert1846 een station, circa 91 km ten westen van Berlijn en circa 45 km ten noordoosten van Maagdenburg. Er is een streekbusverbinding met o.a.Stendal.
Genthin ligt aan een scheepvaartkanaal, hetElbe-Havel-Kanal. Er takt een klein, naar het noordoosten lopend, zijkanaal naarBrettin enRoßdorf af. Genthin heeft een kleine binnenhaven aan het kanaal.
ZogenaamdePersiluhr (replica, 1994) in Genthin ter herinnering aan de wasmiddelfabricage
Scheepswerf
Genthin is van oudsher een industriestadje. Bekend is het concernHenkel, dat te Genthin een fabriek vanwasmiddelen exploiteerde.
Het Spaanse concernSinarmas-Cepsa exploiteert in de voormalige Henkel-panden een chemische fabriek. Ook is er o.a. een verpakkingsindustrie en een plasticfabriek gevestigd. Daarnaast zijn er nog een aantal kleinere fabrieken in uiteenlopende branches, logistieke en handelsbedrijven te Genthin gevestigd.
Aan het Elbe-Havel-Kanal ligt te Genthin een kleinescheepswerf. Er worden o.a. politie- en veerboten gebouwd.
In de streek rondomAltenplathow bestond sinds het eind van de10e eeuw een Slavischeburgwal. Hier resideerden wellicht reeds vanaf1135 leden van een adellijk geslachtVon Plotho. Zij werden in dat jaarvazallen van hetAartsbisdom Maagdenburg, en heersten over een 2.000 vierkante kilometer groot gebied rondom Genthin. Altenplathow, waarlangs de regering vanPruisen tussen1743 en1745 hetPlauer Kanal liet graven, was tot aan deNapoleontische tijd bestuurlijk en kerkelijk gezien belangrijker dan Genthin, ondanks dat Altenplathow nooit een stad werd. Het was namelijk tot1808 hoofdplaats van een koninklijk PruisischAmt, waar Genthin deel van uitmaakte.
In1539 kreeg het hier gelegen plaatsje Genthin hetmarktrecht. De plaats was ommuurd en had vanaf1680 vier stadspoorten, i.v.m. de inning van accijnzen en tolgelden. Of en wanneerstadsrecht is verleend, is niet meer precies bekend; vermoed wordt, op grond van een vermelding alsoppidum uit dat jaar, dat dit in of vóór1459 was.
In de16e eeuw vond deReformatie plaats; de bevolking ging massaal tot het evangelisch-lutherse protestantisme over. Tot op de huidige dag zijn de meeste christenen in en om Genthin deze gezindte toegedaan. De in dit artikel genoemde kerkgebouwen zijn, tenzij anders vermeld, ook nog steeds evangelisch-luthers.
In de19e en vroege20e eeuw werd Genthin, gelegen aan een scheepvaartkanaal richting deElbe en sinds1846 een spoorlijn naarBerlijn, een aantrekkelijke vestigingsplaats voor industriële bedrijven. Daaronder was vanaf1902 een suikerfabriek en vanaf1923 de wasmiddelfabriek van Henkel. Geen van beide bedrijven bestaat nog.
In denazi-tijd, en wel van1943 tot1945, bestond er teGenthin-Wald eenconcentratiekamp. Het was eenAußenlager van kampRavensbrück. Er was een munitiefabriek gevestigd met de naamSilva Metallwerke, een dochteronderneming van de wapen- en machinefabrieken vanPolte-Werke teMaagdenburg. Daar moesten de gevangenen in dit concentratiekamp, voornamelijk vrouwen, onder wie veel Jodinnen, onder mensonterende omstandigheden dwangarbeid verrichten bij de productie van o.a. luchtafweermunitie. Ook werden Poolse meisjes uit dit kamp, soms nog kinderen, eveneens onder mensonterende omstandigheden, ingezet in de wasmiddelenfabriek van Henkel. Een protest tegen hun arbeidsvoorwaarden van 68 vrouwen uit het kamp werd door deSS "opgelost" door hen allen dood te schieten.
Na deTweede Wereldoorlog moest eerst aan veelHeimatvertriebene in de stad huisvesting worden geboden; daarna lag Genthin van1949 tot1990 in deDDR. De Oost-Duitse regering bevorderde het herstel en later de uitbreiding van de industrie. De wasmiddelfabriek van Heinkel werd een DDR-staatsbedrijf, waar vanaf1968Spee (Spezial-Entwicklung), het bekendste wasmiddel uit de DDR werd geproduceerd. Na deDuitse hereniging van1990 werden, zoals overal elders in Oost-Duitsland, een aantal naar Westerse maatstaven onrendabele bedrijven gesloten. Dit ging gepaard met ontslagen, werkloosheid, vertrek van de nodige geschoolde krachten naar elders in Duitsland en een daling van het bevolkingscijfer.
Op 22 december1939, rond middernacht[3], vond in Genthin een zeer ernstig treinongeluk plaats met 278 doden en 453 gewonden[4]. Twee D-treinen botsten 's nachts, bij slecht zicht, op elkaar. De voorste van de twee treinen, met bestemming Keulen, reed langzamer, was overvol en had vertraging opgelopen. De daarop volgende trein reed in dezelfde richting, miste een stopsignaal (dat per ongeluk wel door de trein ervóór was opgevolgd) en botste met 100 km/h op de voorganger. Het reddingswerk verliep door de oorlogsomstandigheden[5] en het zeer koude winterweer erg traag en duurde een volle week. De machinist van de achterste trein werd schuldig bevonden aan grove nalatigheid en tot 3½ jaar gevangenisstraf veroordeeld.
Het is tot nu toe de grootste treinramp die ooit in de Duitse geschiedenis heeft plaatsgevonden.[6]
In een gebouw, waar vroeger een wasgelegenheid was voor de arbeiders in de Henkel- wasmiddelfabriek, is een klein, aan het hier niet meer gevestigde, bedrijf gewijd museum ingericht. Het wordt beheerd door een vereniging van gepensioneerde Henkel-medewerkers.
In een voormalige suikerfabriek bij de stad is een concertzaal/uitgaansgelegenheid gevestigd.
HetKreismuseum Jerichower Land is een historisch museum voor Genthin en omstreken. Van betekenis is vooral de collectiearcheologische vondsten.
De watertoren van de stad kan beklommen worden en huisvest een bescheiden museum voor hedendaagse, beeldende kunst van kunstenaars uit de regio. Tegen de toren aan staan vier beeldhouwwerken van de hand van kunstenaars uit de regio.
Acht kilometer ten zuiden van Genthin ligt een weidevogel- en veenreservaat, het 143 hectare groteFiener Bruch. In de periode 2000-2016 is de zeldzame en beschermde vogelgrote trap hier regelmatig waargenomen. De grote trap wordt er speciaal beschermd, o.a. door afrastering van het broedgebied tegen vossen en door verjaging van kraaiachtigen, die de kuikens van grote trappen graag eten. Ook worden exemplaren van eldersausgewildert (herintroductie).
Het kasteel bij het dorpjeParchen is in de lente en zomer voor bezichtiging opengesteld. Het herbergt een museum over de landhuizen en kastelen van deze regio. Ook worden er in het toeristenseizoen enkele evenementen georganiseerd.
Annemarie Hübner (geb. 25 december 1908; overl. 7 januari 1996 in Hamburg), Duitsneerlandica en deskundige inzake deNederduitse taal; schreef in1959 een rapport ter bestrijding van de bewering, dat hetDagboek van Anne Frank een vervalsing zou zijn geweest;[9]
Norbert Dürpisch (geb. 29 mei 1952), oud-wielrenner, in1977 voor de DDR wereldkampioen individuele en ploegenachtervolging
↑Stond anno 2023 te koop. Huidige eigenaar en bestemming: onbekend.
↑Niet duidelijk is, of de ramp in de nacht van 22 op 23 december, dan wel in de nacht van 21 op 22 december is gebeurd.
↑Volgens officiële bronnen van de toenmaligeDeutsche Reichsbahn 186 doden en 106 gewonden.
↑DeTweede Wereldoorlog was vier maanden aan de gang. Er gold een verplichte verduistering van o.a. stations, wissels en seinhuizen. Er reden extra treinen voor soldaten, die van het front kwamen met kerstverlof. Veel treinen waren overvol. Van de achterste van de beide treinen was uit de locomotief een beveiligingsinstrument, wegens reparatie elders, verwijderd. De mogelijkheid, dat koolmonoxide-vergiftiging de machinist parten kan hebben gespeeld, is door later onderzoek uitgesloten.