Emeritaat is hetpensioen van eenhoogleraar,magistraat ofgeestelijke.Emeritus is een Latijns woord dat letterlijk vertaald 'uitgediend' betekent; een gangbaar Nederlands equivalent isrustend ofin ruste.
Een hoogleraar met emeritaat kan de titel 'emeritus professor' (em. prof. of prof. em.) of 'emeritus hoogleraar' voeren. Dit geldt niet voor een hoogleraar die voor het pensioen na een al dan niet tijdelijke aanstelling is gestopt. Veel hoogleraren blijven ook na hun pensioen wel actief in hunvakgebied en ze blijven vaak ook verbonden aan hun instelling, vaak in de vorm van een nulaanstelling of gasthoogleraarschap. Gewoonlijk verrichten emeriti dan geen beheers- of bestuurstaken meer en vaak geven ze ook geen onderwijs meer. Emeriti blijven vaak actief bezig met wetenschappelijk onderzoek, bezoeken congressen en kunnen wettelijk volgens hetius promovendi optreden als promotor tot vijf jaar na het emeritaat (of een andere vorm van eervol ontslag), waarbij zepromovendi begeleiden bij het schrijven van hunproefschrift.
Bijpriesters enbisschoppen betekent het emeritaat dat de geestelijke niet langer verplicht is demissie ofparochie te bedienen. Emeriti geestelijken blijven echter veelal op kleinere schaal actief in de bedieningen van desacramenten. Bisschoppenconsacreren nog andere bisschoppen en priesters, en celebreren veelal nog deHeilige Mis.
Bijpredikanten betekent emeritering dat iemand geen eigen gemeente meer heeft, maar het recht behoudt om in kerkdiensten voor te gaan en de sacramenten,doop enavondmaal te bedienen.
Emeritaat kan ook wegens ziekte worden verleend en in de praktijk vragen de meeste predikanten die iets anders gaan doen emeritaat aan, zij treden niet werkelijk af.
Op 26 februari 2013 werd duidelijk datpaus Benedictus XVI na zijn aftreden de titel vanpaus emeritus ging dragen.[1] Het aftreden van een paus was sinds 1415 niet meer voorgekomen. In de toekomst zullen aftredende pausen de titel 'Emeritus bisschop van Rome' gaan voeren.[2]