Carolus Fernand (Brugge, tweede helft 15e eeuw -Le Mans,10 juni1517), ook welFerdinand ofFernande, was eenZuid-Nederlands dichter, musicus, filoloog, predikant en monnik.
Carolus was een telg uit een Spaanse, niet-gefortuneerde adellijke familie die in Brugge kwam wonen. Hij deed goede studies die hem in Parijs brachten en zich over heel wat materies uitstrekte: muziek, dichtkunst, welsprekendheid, filologie en theologie. Onverwacht was zijn succes groot als componist en hij koesterde de hoop er in Brugge zijn broodwinning van te maken.
Toen Brugge het toneel van onlusten werd, keerde hij naar Parijs terug. Hij werd er door koningKarel VIII aan het hof benoemd vanwege zijn muzikale talenten. Hij maakte van zijn verblijf in Parijs gebruik om er zich te bekwamen in de letteren en slaagde er dermate goed in dat hij een leerstoel kreeg in literatuur aan de Parijse universiteit. Volgens sommige auteurs doceerde hij ook theologie, maar daarover is geen absolute zekerheid.
Na enkele jaren leraarschap trad hij in als monnik in de Sint-Pietersabdij vanChezal-Benoît, waar strikte observantie van toepassing was. Hij werddiaken gewijd, wat hem vergunning tot prediken verleende. Hij leverde zich hieraan met zoveel overtuiging en welsprekendheid over, dat hij een grote reputatie verwierf.
Hij ging in 1509 wonen in de abdij Saint-Vincent in Le Mans, werd er bibliothecaris en overleed er in 1517.
Tijdens zijn leven was hij in schriftelijk contact met heel wat geleerden, zoals Clichtovius,Jacques Lefèvre,Budæus,Andrelini, Boville, Sylvius enNoël Beda. Zelf schreef hij een groot aantal religieuze traktaten en gedichten, waarvan niet alles in druk werd gepubliceerd.