Plaats inNederland![]() | |||
---|---|---|---|
Situering | |||
Provincie | Zuid-Holland![]() | ||
Gemeente | Lansingerland![]() | ||
Coördinaten | 51° 60′ NB, 4° 28′ OL | ||
Algemeen | |||
Oppervlakte | 19,31[1] km² | ||
- land | 18,23[1] km² | ||
- water | 1,07[1] km² | ||
Inwoners (2023-01-01) | 33.445[1] (1.732 inw./km²) | ||
Woningvoorraad | 12.517 woningen[1] | ||
Overig | |||
Postcode | 2651-2652 | ||
Netnummer | 010 | ||
Woonplaatscode | 1687 | ||
Belangrijke verkeersaders | ![]() ![]() ![]() | ||
Detailkaart | |||
![]() | |||
Locatie van de voormalige gemeente | |||
Foto's | |||
![]() | |||
Luchtfoto uit 2005 | |||
|
Berkel en Rodenrijs (uitspraakⓘ) is een plaats en een voormaligeambachtsheerlijkheid engemeente in de Nederlandse provincieZuid-Holland. Op 1 januari2007 is de gemeente Berkel en Rodenrijs samengegaan met de gemeentenBergschenhoek enBleiswijk in de nieuwe gemeenteLansingerland. De plaats Berkel en Rodenrijs telt 33.445 inwoners (1 januari 2023).
In Berkel en Rodenrijs begint devervening ten noorden en ten zuiden van de dorpskern vanBerkel. Op de kaart vanCruquius is te zien dat aan het begin van deachttiende eeuw het gebied ten noorden van de dorpskern van Berkel vrijwel geheel is ontveend. Deturf werd met scheepjes via de kanalen naar de steden getransporteerd. Door vervening en door afkalving werden delegakkers steeds kleiner.Petgaten groeiden aaneen tot grote veenplassen. Rond 1750 kwamenRodenrijs, Berkel enNoordeinde aan de rand van, of soms tussen de plassen te liggen. De dorpen, dijken enpolderkaden werden door het water bedreigd.
Eind achttiende eeuw werd de situatie in Berkel en Rodenrijs gevaarlijk. Het dorpsbestuur besloot daarom actie te ondernemen en de plassen droog te leggen. De windmolen was hierbij een onmisbaar hulpmiddel. Zeven nieuwe molens kwamen in bedrijf. Als eerst werden de Noordpolder, de Westpolder en de Zuidpolder drooggelegd (1774-1777). De drooggevallen bodem van de plassen werd vervolgens opnieuw ingedeeld. De oude, soms onregelmatige verkaveling werd vervangen door strakke rechthoekige kavels. De vruchtbare grond in dedroogmakerijen bracht een periode van grote bloei voor de boeren.
Tegelijk met de droogmaking van deNoordpolder,Westpolder enZuidpolder ontstonden door de voortgaande vervening aan de westzijde van de Rodenrijse- en Noordeindseweg nieuwe plassen. Die verveningen vonden vanuit verschillende wegen tegelijk plaats en bovendien vanuit de oevers van het Westmeer en het Oostmeer, maar ze hielden halt aan de rand van enkelekleiplateaus. Kleigrond is in tegenstelling totveen ongeschikt als brandstof. HetOude Land en deKleihoogt vormden grillige schiereilanden, omgeven door een verbrokkeld patroon van kleine plassen. In denegentiende eeuw werden in tien jaar tijd de laatste veenplassen drooggemalen: de Nieuwe Rodenrijse Droogmakerij (1844-1848), deOostmeerpolder (1848), de Bergboezem (1854) en de Polder Oude Leede (1855). Hierbij dedenstoomgemalen dienst. Doordat de plassen verbrokkeld en grillig waren, vertonen deze nieuwe droogmakerijen niet zo’n regelmatigverkavelingspatroon als de oude droogmakerijen. Iedere droogmaking kreeg eigenontsluitingswegen.
In de grote steden groeide intussen de behoefte aantuinbouwproducten. Rond 1880 kwam de verbouw daarvan op gang. Gunstige factoren hiervoor waren de vruchtbare bodem, een goedeinfrastructuur (vaarwater) en de nabijheid vanafzetmarkten. Vanwege de belangrijke vervoersfunctie vestigden de tuinders zich aan de vaarten langs de Rodenrijse-, Noordeindse- en Klapwijkseweg. Na 1900 trad een aanzienlijke professionalisering op. Door de productie te vergroten kon beter worden ingespeeld op de vraag. Wat als koudegrondteelt was begonnen ontwikkelde zich tot teelt onderplatglas en in koude kassen. Vanaf de jaren twintig van de 20e eeuw werd gebruikgemaakt vanwarenhuizen, die in toenemende mate kunstmatig verwarmd werden. Door de groeiende tuinbouw vestigden zich hier tussen 1890-1910 arbeiders vanuit deZuid-Hollandse eilanden,Noord-Brabant enUtrecht. Vooral langs de Zuidersingel werden kleine complexen eenvoudigearbeiderswoningen gebouwd. In Rodenrijs werd bij het station eengroenteveiling met haven gevestigd, tuinbouwproducten werden aangevoerd per boot en afgevoerd per trein.
Met de aanleg van deHofplein-spoorlijn (waarop nuRandstadRailmetrolijn E wordt geëxploiteerd) in 1908 verscheen ook de eerste verstedelijking in de regio. Stedelingen werden door het spoor gestimuleerd om zich in de omliggende dorpen te vestigen, en dan vooral rond de nieuwe stations en bij de bestaande dorpskernen. In Berkel en Rodenrijs bleef nieuwe bebouwing beperkt tot de omgeving vanstation Rodenrijs. Een eerste wat grootschaliger uitbreiding vond plaats in de jaren twintig langs de Rodenrijseweg, met een reeks vrijstaande en geschakelde middenstandswoningen.
Rond 1950 ontdekte deNederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) olie in hetBerkelveld in Berkel en Rodenrijs. In 1953 sloeg het er eerste drie putten, Berkel 1 tot en met 3. De opgepompteolie werd met tankwagens via het pompstation Vlaardingen naar de Shellraffinaderij inPernis gebracht. Deze winning stopte omstreeks 1996/1997. De NAM heeft kort tijd daarna de pijpen verwijderd, de putten afgesloten en het terrein teruggebracht in oorspronkelijke staat. In 1984 ontwikkelde de NAM nog Berkel-4, ze boorde op deze locatie 25 putten. Metjaknikkers werd tot 2013 olie opgepompt uit een aardlaag die zo’n 1.400 meter diep ligt. Het huurcontract liep tot 2018 en de gemeente wilde het niet verlengen, alle nog aanwezige installaties dienden te worden verwijderd.[2] De aardolieputten werden daarop afgeplugd en de jaknikkers werden verwijderd. Als een van de laatst werkende jaknikkers in Nederland, werdJaknikker BRK-10 uit het aangrenzendeSchiebroek in 2014 opgesteld in hetNederlands Openluchtmuseum.
De gemeente had een oppervlakte van 18,90km² en telde in juli 2006 20.189 inwoners. Binnen de gemeentegrenzen lagen geen andere kernen.
Het laatstecollege van Berkel en Rodenrijs werd gevormd door deVVD, deChristenUnie en dePvdA.
De laatstegemeenteraad was als volgt samengesteld:
In Berkel en Rodenrijs zijn de volgende sportclubs actief:
De muziekvereniging in Berkel en Rodenrijs isHelicon. Deze vereniging kent twee afdelingen: leerlingenorkest enharmonieorkest. De muziekschool voor Berkel en Rodenrijs is gesitueerd in het Polderhuis te Bergschenhoek. Ook is er een muziekpodium, genaamd Rotonde, gelegen op Het Hoge Land. Hier treden bands uit de regio op, maar ook uit de rest van Nederland en België en Duitsland.
Speeltuin De Kievit werd in 1953 opgericht op de locatie van de Jozefschool (nu de Wilgenhoek). In 1960 verhuisde de speeltuin naar de Wilgenlaan. Op het terrein bevinden zich een dierenverblijf, een grote variatie aan speeltoestellen en twee buitenzwembaden. Er zijn ongeveer 1600 gezinnen lid van de speeltuin.
Lions Club Berkel en Rodenrijs is een charitatieve sociale club die werd opgericht in 1984. Ze is onderdeel van de wereldwijde associatieLions International. De club steunt lokale activiteiten. Dat kan door bijdragen in natura, waarbij de clubleden de handen uit de mouwen steken, of door allerlei manieren van fondsenwerving.
Berkel en Rodenrijs wordt bediend door de lokale omroep:RTV Lansingerland. Daarnaast zijn er twee weekbladen, namelijk De Heraut en Hart van Lansingerland. De 3B-Krant is opgegaan in Hart van Lansingerland. Ook is er een actuele nieuwswebsite 112Lansingerland met actueel 112-nieuws uit de gemeente Lansingerland.
De plaats is aangesloten op het netwerk vanRandstadRail door de metrostationsRodenrijs met aansluiting op deZoRo-bus naar Zoetermeer enBerkel Westpolder. Deze metrolijn verbindt Rotterdam met Den Haag. Via de weg is Berkel en Rodenrijs bereikbaar via deN209, deN470 en deN471.