In deanatomie is deanus,Latijn voor ring, ook welaars, de uitmonding van deendeldarm en daarmee het uiteinde van hetspijsverteringskanaal van eenzoogdier,vis ofongewerveld dier. De functie van de anus is de gecontroleerde uitdrijving vanontlasting: voedingsmateriaal die het dier niet kan verteren en waaruit voedingsstoffen zijn onttrokken, zoalscellulose, maar ook dode of overtolligedarmbacteriën en andere endosymbionten, verlaten het lichaam via de anus.[1] De anus wordt, behalve tijdens de ontlasting, door eensluitspier afgesloten.
Bijamfibieën,reptielen envogels wordt de opening die dient voor de uitscheiding van afvalstoffen ook gebruikt voor genitale afscheidingen, zoals eieren. Deze opening wordt decloaca genoemd. Primitieve zoogdieren met een cloaca worden cloacadieren genoemd.Placentadieren hebben volledig gescheiden openingen en kanalen voor ontlasting, urine en voortplanting.
Zetpillen worden in de anus ingebracht. Eenklysma is eendarmspoeling via de anus. Met eenanaaltampon kan de functie van de sluitspier, het ophouden van de ontlasting, worden overgenomen wanneer deze niet meer goed functioneert.
Ontwikkeling
Bij de meeste dieren ontstaat aan het begin van deembryonale ontwikkeling aan één kant een instulping, deblastoporus, die zich verdiept tot hetarchenteron, een rudimentaire holte die zich ontwikkelt tot het darmkanaal. InDeuterostomia vormt zich uit de oorspronkelijke instulping de anus; het archenteron tunnelt door en vormt later een tweede opening, de mond. BijProtostomia wordt juist de mond als eerst gevormd, de anus ontstaat later als tweede opening. Onderzoek naar de protostome ontwikkeling wijst uit dat de randen van de instulping over het midden sluiten, waardoor er twee openingen overblijven die de mond en anus worden.[3]
De anus bij de mens bestaat uit twee tussen de massief-vlezigebillen ingebeddesluitspieren ofsfincters, namelijk de uitwendigedwarsgestreepte sluitspier, demusculus sphincter ani externus, die willekeurig kan worden bediend tot afsluiting van het rectum, de monding van deendeldarm en de inwendige sluitspier, demusculus sphincter ani internus, die uitglad spierweefsel bestaat en onwillekeurig is. Verder is de anus goed doorbloed en lopen er groteaders doorheen.
Rond de anus groeit vaakschaamhaar, vooral bijvolwassen mannen. Dat wordt soms om praktische, esthetische of erotische redenen afgeschoren, bijvoorbeeld voor eenoperatie. Er kan reden zijn om deanus te bleken.