Hij schreef een aantal opera's, vijf symfonieën, toneelmuziek, maar werd vooral geprezen om zijn muziek voor kinderen en deRussisch-orthodoxe Kerk (44 liturgieën), waaronderPassieweek. Ook componeerde hij concerten voor cello, viool en fluit, vier strijkkwartetten, missen en motetten.
4 strijkkwartetten (nr. 1 in G-majeur op.2, [1892/93], nr. 2 in d-mineur op. 70, [1913/14], nr. 3 in c-mineur op. 75, [1915/16], nr. 4 in F-majeur op. 124, [1929])
2 pianotrio's (nr. 1 in c-mineur op. 38 [1906], nr. 2 in G-majeur op. 128, [1930/31])
2 vioolsonates (nr. 1 in D-majeur op. 87, 1918/19, nr. 2 c-Moll op. 137, 1933)